Posts tagged ‘fiscale structuren’

25 juni 2018

Rijksoverheid waarschuwt intermediairs dat regelgeving melding fiscale constructies is ingegaan

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

In een nieuwsbericht van 22 juni jl. waarschuwt de rijksoverheid dat de Europese regelgeving inzake de meldplicht voor intermediairs de facto in werking is getreden:

Intermediairs worden verplicht grensoverschrijdende constructies te gaan melden
Nieuwsbericht | 22-06-2018 | 16:23

Er wordt wetgeving voorbereid die intermediairs zoals belastingadviseurs, accountants en financiële instellingen vanaf 1 juli 2020 verplicht stelt om grensoverschrijdende constructies die gebruikt kunnen worden om belasting te ontduiken bij de Belastingdienst te melden. De informatie die vanaf dan geleverd moet worden gaat terug tot 25 juni 2018.
Dit vloeit voort uit een Europese richtlijn die in maart dit jaar is aangenomen. Vanaf 31 oktober 2020 moet de eerste informatie tussen de belastingdiensten van de Europese lidstaten onderling uitgewisseld worden.
Dit betekent een belangrijke stap in de strijd tegen belastingontwijking. Met het nieuwe waarschuwingssysteem krijgen belastingdiensten meer informatie over potentiële misbruiksituaties, zodat zij hierop ook actie kunnen ondernemen. Dit heeft ook een preventieve werking op het aantal potentieel agressieve fiscale adviezen.
De komende periode wordt de richtlijn nog in wet- en regelgeving uitgewerkt, die naar verwachting in de loop van 2019 wordt ingediend bij de Tweede Kamer. Er volgt dit najaar een internetconsultatie waarmee belanghebbenden een reactie kunnen geven op de voorgenomen wetgeving.

Omdat de informatieplicht zal gaan gelden vanaf 25 juni 2018, wil het ministerie van Financiën belanghebbenden nu al op de hoogte stellen. De informatie over de periode van 25 juni tot 1 juli 2020 hoeft pas uiterlijk 31 augustus 2020 aan de Belastingdienst te worden verstrekt.
Als er vanaf 2020 een melding wordt gedaan dan betekent dit dat een belastingconstructie voor de Belastingdienst mogelijk de moeite van het verder onderzoeken waard is. Van belastingontduiking hoeft geen sprake te zijn. Als gevolg van de Europese richtlijn krijgen de belastingdiensten van alle lidstaten toegang tot een database met informatie over deze constructies, die door de Europese Commissie wordt opgericht. De Belastingdienst krijgt zo meer inzicht in welke structuren gebruikt worden en kan hierop actie ondernemen.
Het kabinet pakt belastingontwijking en ontduiking aan. Door internationale constructies die zijn opgezet om belasting te ontduiken loopt de schatkist geld mis voor voorzieningen als zorg, onderwijs en veiligheid. Het kabinet zet daarom al geruime tijd in op de aanpak van belastingontduiking. Het nieuwe systeem levert hier een belangrijke bijdrage aan, in Nederland en in Europa.

Zie de eerdere berichten over deze meldplicht: 1, 2.

25 mei 2018

New EU tax reporting rules for Dutch trust offices [2]

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

In March I already wrote on the new reporting rules for intermediaries. Today the European Council announced that new rules were adopted. Member States will have until 31 December 2019 to transpose it into national laws and regulations. The new reporting requirements will apply from 1 July 2020.

Though in the European communication it is suggested that the rules are only relevant for tax advisors, accountants and lawyers that design and/or promote tax planning schemes, the group of intermediaries that have to apply these rules is broader, it applies to:

any person that designs, markets, organises or makes available for implementation or manages the implementation of a reportable cross-border arrangement

More information:

15 maart 2018

New EU tax reporting rules for Dutch trust offices

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

On 13 March the Council of the EU announced that agreement has been reached on tax intermediaries.
According to the announcement the draft directive will require intermediaries to report schemes that are considered potentially aggressive. Interestingly the draft defines a broad concept of intermediaries:

“intermediary” means any person that designs, markets, organises or makes available for implementation or manages the implementation of a reportable cross-border arrangement

Dutch trust offices (‘trustkantoren’) are included in this definition and will have reporting obligations under the proposed directive.

31 januari 2018

Januari nieuwsbrief DNB

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Vandaag heeft DNB de nieuwsbrief voor trustkantoren bekend gemaakt. Daarin komen aan de orde:

  • Beperkte blik op fiscale risico’s
  • Cliëntendossiers onvoldoende belicht in SIRA, waarbij op de ‘good practices’ van DNB wordt geattendeerd
  • Incidentmelding: welke informatie is nodig
  • Aanpak illegale trustkantoren; trustkantoren worden opgeroepen mogelijk illegale situaties bij DNB te melden
  • Rondetafelbijeenkomsten over maatschappelijke betamelijkheid
  • Uitvraag ISI-formulier
  • Eigen vermogen alternatieve bewaarders
  • Informatiebijeenkomst toetsingen
  • Indienen toetsingsformulieren
  • Rib Wtt Audit Richtlijn voor trustkantoren > DNB attendeert op deze HQ richtlijn
23 november 2017

Belastingontduiking niet altijd motief voor verplaatsing van vermogen naar het buitenland

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Kamerlid mevrouw Leijten, bekend van de Nederlandse PANA commissie, stelt regelmatig vragen over trustkantoren, zo ook weer onlangs. Alleen gingen die vragen niet over Nederlandse trustkantoren of de door hen beheerde doelvennootschappen. Naar aanleiding van de vragen merkt de minister van financiën op dat bij verplaatsing van vermogen naar het buitenland niet altijd sprake is van ontgaan van belastingen als motivatie:

De ervaring die is opgedaan tijdens onderzoeken naar situaties waarbij vermogen is verplaatst naar het buitenland leert dat niet in alle gevallen sprake is van het ontgaan van belastingen. Redenen die door belastingplichtigen worden genoemd voor het plaatsen van vermogen in het buitenland zijn onder meer:

– het bundelen van (familie)vermogen;
– het voorkomen van versnippering van (familie)vermogen in geval van bijvoorbeeld overlijden, echtscheiding of conflicten;
– het gebruik van een trust (niet zijnde een trustkantoor) als alternatief voor een testament, om (erf)opvolging van internationaal georiënteerde families te regelen;
– het versterken van de zeggenschap van personen in een bedrijf;
– het voorkomen dat familievermogen onnodig wordt uitgeven terwijl dit geld bijvoorbeeld nodig is voor investeringen in een bedrijf;
– het voorkomen dat kinderen bekend raken met hun rijkdom;
– het voorkomen dat derden (bijvoorbeeld media, criminelen) bekend raken met de vermogenspositie van bepaalde personen;
– het veiligstellen van vermogen in conflictgebieden;
– het veiligstellen van vermogen uit vrees voor nationalisatie van privéeigendom.

De achtergrond is verschillend van aard: de eerste drie hiervoor genoemde redenen houden verband met het erfrecht. Hiervoor wordt vaak gebruik gemaakt van de rechtsfiguur trust of een daarmee vergelijkbare buitenlandse rechtsfiguur omdat het Nederlandse recht geen volwaardig alternatief hiervoor kent. Bij een trust wordt vermogen afgezonderd en wordt de trustee de eigenaar van het afgezonderde vermogen terwijl dit vermogen geen deel uitmaakt van zijn eigen vermogen en dus bijvoorbeeld niet vatbaar is voor het verhaal van schuldeisers van de trustee. De Nederlandse rechtsvorm die de trust het dichtst benadert, is de stichting. Echter, een Nederlandse stichting mag in tegenstelling tot de trust geen uitkeringen doen. Het uitkeringsverbod vormt een wezenlijke belemmering om de stichting te gebruiken als alternatief voor de trust. Bij gebruik van een trust, of een daarmee vergelijkbare buitenlandse rechtsfiguur, hoeft geen sprake te zijn van ontgaan van belasting. De Nederlandse belastingwetgeving kent specifieke bepalingen omtrent dergelijke rechtsfiguren. Die bepalingen zijn ook van belang in het kader van het toezicht door de Belastingdienst.
Redenen als het voorkomen dat kinderen bekend raken met hun rijkdom of het vermogen uitgeven hebben een ander karakter. In dergelijke gevallen is het ook mogelijk om dit binnen een Nederlands context te realiseren. Wel is het zo dat betrokkenen vrij zijn om hierin hun eigen keuzes te maken.
De laatste twee genoemde redenen, het veiligstellen van vermogen in conflictgebieden of het veiligstellen van vermogen uit vrees voor nationalisatie zullen zich niet snel voordoen in een geheel Nederlandse context.

Meer informatie: antwoord op kamervragen 20 november 2017

27 september 2017

Nieuwsbrief trustkantoren door DNB

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

DNB heeft wederom een nieuwsbrief voor trustkantoren uitgebracht. Onderstaand de intro’s:

Combinatie belastingadvies en trustdienstverlening problematisch
Bij kantoren die belastingadvies en trustdiensten combineren, is de trustdienstverlening vaak ondergeschikt aan belastingadvies. Dit belemmert een integere bedrijfsvoering.

Handmatige controle van sanctielijsten te foutgevoelig
Handmatige screening aan de hand van sanctielijsten is dermate foutgevoelig dat dit in de hoogrisico-omgeving van de trustdienstverlening ongewenst is.

Acht trustkantoren kregen aanwijzingen over hun auditfunctie
DNB heeft acht trustkantoren via een aanwijzing gedwongen tot een effectieve audit van een onafhankelijke auditor.

Uitvraag over beheersing integriteitrisico’s
DNB zal medio oktober aan ongeveer 25 trustkantoren een online vragenlijst voorleggen over de integere bedrijfsvoering.

Wet toezicht trustkantoren 2018
Het wetsvoorstel inzake de Wet toezicht trustkantoren 2018 (Wtt18) wordt naar verwachting in 2018 in de Tweede Kamer behandeld.

Kort nieuws
Hierin aandacht voor:

  • Good Practice Integrity Risk Appetite;
  • Informatiebijeenkomst toetsingen 6 november;
  • Vervolg onderzoeken Agressieve belastingplanning en klantanonimiteit.
21 juni 2017

Antwoord op vragen naar onderzoek van verdachte transacties bij een trustkantoor

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Op 15 juni 2017 beantwoordde de minister van financiën vragen over een naar een trustkantoor ingesteld strafrechtelijk onderzoek. Kennisname van de antwoorden is nuttig in het kader van de naleefverplichtingen en de visie daarop van de minister.

De tekst volgt hier onder.

2105
Vragen van het lid Leijten (SP) aan de Ministers van Financiën en van Veiligheid en Justitie over het bericht dat het Openbaar Ministerie verdachte transacties bij een trustkantoor onderzoekt (ingezonden 12 mei 2017).

Antwoord van Minister Dijsselbloem (Financiën), mede namens de Minister van Veiligheid en Justitie (ontvangen 15 juni 2017).

Vraag 1
Wat is uw reactie op het bericht «OM onderzoekt verdachte transacties bij trustkantoor BK Group»? [1]

Antwoord 1
In het desbetreffende krantenbericht wordt kort gezegd melding gemaakt van vermeende overtredingen van wettelijke voorschriften door een aantal trustkantoren en optreden daartegen door verschillende overheidsinstanties. Wij onderschrijven het belang van het naleven van wettelijke verplichtingen door trustkantoren alsmede van handhavend optreden door daartoe bevoegde overheidsinstanties daar waar deze wettelijke verplichtingen door trustkantoren worden overtreden. Dit wordt hieronder desgevraagd nader toegelicht. Over lopende bestuursrechtelijke toezichtonderzoeken kunnen verder geen uitspraken worden gedaan, en op dit moment evenmin over hetgeen waar het Openbaar Ministerie al dan niet onderzoek naar doet.

Vraag 2 en 3
Mogen trustkantoren diensten verlenen aan bedrijven waarin personen belangen hebben die op de Europese sanctielijst staan die is ingesteld vanwege de verduistering van Oekraïense spaartegoeden? Zo ja, welke diensten mogen zij wel verlenen en welke niet? Vindt u het verlenen van diensten aan dergelijke personen gewenst? Kunt u uw antwoord toelichten?
Kunt u uitsluiten dat de genoemde personen die op de Europese sanctielijst staan, tegoeden hebben kunnen wegsluizen? Zo ja, hoe kunt u dat aantonen?

Antwoord 2 en 3
Op grond van EU Verordening 208/2014 betreffende beperkende maatregelen tegen bepaalde personen, entiteiten en lichamen in het licht van de situatie in Oekraïne [2] (hierna: de Verordening) moeten tegoeden en economische middelen die toebehoren aan of eigendom zijn, in het bezit zijn of onder zeggenschap staan van de in bijlage I van de Verordening opgenomen natuurlijke personen worden bevroren, en is het verboden om aan deze personen tegoeden of economische middelen direct of indirect ter beschikking te stellen. Onder tegoeden worden verstaan financiële activa en financiële voordelen van welke aard ook, waaronder aandelen in (Nederlandse) rechtspersonen. Onder economische middelen worden verstaan activa van enigerlei aard, materieel of immaterieel, roerend of onroerend, die geen tegoeden zijn, maar kunnen worden gebruikt om tegoeden, goederen of diensten te verkrijgen.
Concreet betekent dit voor trustkantoren dat zij maatregelen moeten treffen met als doel dat gesanctioneerde personen niet kunnen beschikken over de rechtspersonen en vermogensbestanddelen die hen toebehoren, zoals bijvoorbeeld de bedrijven die trustkantoren namens de gesanctioneerde personen beheren, noch over de eventuele winsten of dividenden voortkomend uit deze bezittingen.
Wanneer een trustkantoor constateert dat de identiteit van een relatie overeenkomt met een persoon, entiteit of lichaam als bedoeld in de Verordening, dient het trustkantoor alle tegoeden en economische middelen van de betreffende relatie te bevriezen en dit onverwijld aan de toezichthouder, De Nederlandsche Bank (hierna: DNB), te melden. In de melding aan DNB moet het trustkantoor exact aangeven welke tegoeden en economische middelen er zijn bevroren op grond van de Verordening. Deze tegoeden en economische middelen kunnen vervolgens alleen nog worden aangewend met toestemming van de Minister van Financiën. Hiervoor kan een trustkantoor een gemotiveerd verzoek tot ontheffing indienen. Gronden tot ontheffing zijn gelimiteerd tot de gronden die beschreven staan in de Verordening, en zien onder andere op de mogelijkheid ontheffing te verlenen voor het betalen van honoraria of kosten voor het aanhouden of beheren van bevroren tegoeden of economische middelen. DNB ontvangt ten behoeve van haar toezicht op de naleving van de sancties een afschrift van iedere verleende ontheffing. Mutaties in de bevroren tegoeden of economische middelen waarvoor geen ontheffing is afgegeven of het niet melden van een gesanctioneerde relatie bij DNB, vormen een overtreding. Dit is een economisch delict dat strafrechtelijk kan worden vervolgd.
Het is belangrijk om op te merken dat een maatregel tot bevriezing geen verandering van eigendom bewerkstelligt. De maatregel strekt tot instandhouding van tegoeden en economische middelen voor de duur van de bevriezing en is dan ook niet gericht op aantasting van de waarde van die tegoeden en economische middelen. Volledige opschorting van de dienstverlening kan haaks staan op het doel van instandhouding en zich om die reden niet verdragen met de bevriezingsmaatregel. Dienstverlening aan of ten behoeve van rechtspersonen die onder de bevriezingsmaatregel vallen is dan ook toegestaan voor zover gericht op en noodzakelijk voor het bewaren, beheren en in stand houden hiervan, het zogenoemde in «good legal standing» houden van de rechtspersoon. [3] Voorwaarde hierbij is wel dat door die dienstverlening geen tegoeden of economische middelen direct of indirect ter beschikking komen van gesanctioneerde personen. Het is in alle gevallen aan de dienstverlener om telkens opnieuw te onderzoeken of er aanwijzingen zijn dat door beoogde werkzaamheden tegoeden of middelen direct of indirect ter beschikking kunnen komen van gesanctioneerde personen.

Vraag 4 en 5
Erkent u dat het ernstig tekortschietende integriteitsbeleid van trustkantoren Nederland zeer gevoelig maakt voor het wegsluizen van tegoeden van personen die op sanctielijsten staan, dan wel voor terrorismefinanciering, witwassen en belastingontduiking? [4] Zo neen, waarom niet?
Welke stappen gaat u concreet ondernemen om de trustsector om te vormen tot een sector waarin niet alleen commerciële belangen leidend zijn maar waarin ook algemene principes van fatsoenlijk ondernemen worden nageleefd? Hebt u er vertrouwen in dat dit überhaupt mogelijk is? Zo ja, waaraan ontleent u dit vertrouwen?

Antwoord 4 en 5
Uit de toezichtpraktijk is gebleken dat een groot deel van de trustkantoren onvoldoende invulling geeft aan hun taak als poortwachter van het Nederlands financieel stelsel. Dit is één van de redenen geweest om het wettelijk kader voor trustkantoren te herzien.
Met het concept wetvoorstel voor een Wet toezicht trustkantoren 2018 wordt beoogd het regelgevend kader voor trustkantoren strenger te maken. Er zal bijvoorbeeld aansluiting worden gezocht bij de normen voor een integere en beheerste bedrijfsvoering die ook voor financiële instellingen gelden op grond van de Wet op het financieel toezicht. Ook wordt voorgesteld om een tweehoofdige dagelijkse leiding voor trustkantoren verplicht te stellen. Het concept wetsvoorstel voorziet tevens in de introductie van een grondslag om dienstverlening aan of ten behoeve van specifieke structuren te kunnen verbieden. Daarnaast wordt een verruiming van het toezichtsinstrumentarium van DNB voorgesteld, waaronder de mogelijkheid voor de toezichthouder om een vergunning van een trustkantoor in te trekken. Deze nieuwe regelgeving is bedoeld om, in combinatie met een verdere inspanning van de sector zelf en consequent en doelmatig toezicht, de integriteitproblemen binnen de sector aan te pakken.

Vraag 6
Hebben de toezichthouder en opsporingsdiensten, zoals De Nederlandsche Bank (DNB) en de Fiscale inlichtingen- en opsporingsdienst (FIOD), voldoende capaciteit om het doen en laten van trustkantoren te controleren? Zo ja, waaruit blijkt dit? Zo nee, wat gaat u hieraan doen?

Antwoord 6
DNB heeft haar toezicht geïntensiveerd naar aanleiding van haar bevindingen dat de integriteitsrisico’s te hoog zijn en deze onvoldoende door de trustkantoren worden beheerst. Deze intensivering is bedoeld om de integriteitsproblemen binnen de Nederlandse sector aan te pakken. Daarnaast wordt, als gezegd, met de herziening van de Wet toezicht trustkantoren een verruiming van het toezichtsinstrumentarium van DNB voorgesteld. De FIOD beschikt over voldoende capaciteit om opvolging te geven wanneer de signalen uit het toezicht door DNB tot aangifte hebben geleid. DNB en de FIOD werken verder nauw samen met het Openbaar Ministerie (OM) aan het bestrijden van diverse vormen van criminaliteit. Ingevolgde de Wet op de bijzondere opsporingsdiensten stellen de Minister van Financiën en het College van procureurs-generaal jaarlijks een handhavingsarrangement vast, waarin de wederzijdse afspraken over opsporing en afhandeling van de opsporingsonderzoeken vanuit de FIOD zijn opgenomen. Op die manier wordt bewerkstelligd dat in de keten voldoende capaciteit kan worden ingezet.

Vraag 7
Kunt u een verklaring geven voor het feit dat het trustkantoor BK Group, dat nota bene een keurmerk van branchevereniging Holland Quaestor heeft, diensten verleent aan een bedrijf waar door een ander trustkantoor afscheid van is genomen vanwege ontbrekend inzicht in bankrekeningen en te grote risico’s?

Antwoord 7
Voor trustkantoren is het cliëntenonderzoek voorgeschreven op basis van de Wet toezicht trustkantoren (Wtt). De dienstverlening van trustkantoren wordt naar zijn aard beschouwd als dienstverlening met een hoog integriteitsrisico. Daarom is in de Wtt per trustdienst bepaald welke informatie minimaal moet worden vergaard in het kader van het cliëntenonderzoek. In het kader van dit cliëntenonderzoek verzamelen trustkantoren onder meer informatie over de identiteit van de cliënt, diens uiteindelijk belanghebbende(n) en het doel en de aard van de beoogde relatie met de cliënt. Indien een trustkantoor niet kan voldoen aan de vereisten van het cliëntenonderzoek, wordt het trustkantoor geacht van dienstverlening aan de cliënt af te zien of de dienstverlening te beëindigen.
In het concept-wetsvoorstel voor de Wet toezicht trustkantoren 2018 wordt voorgesteld dat een trustkantoor, voorafgaand aan het aangaan van een relatie met een cliënt of doelvennootschap, onderzoekt of een ander trustkantoor diensten verleent of heeft verleend aan deze cliënt of deze doelvennootschap. Indien een ander trustkantoor diensten verleent of heeft verleend aan de cliënt of de doelvennootschap, informeert het trustkantoor bij dat andere trustkantoor naar gebleken integriteitrisico’s. Dit is een aanscherping ten opzichte van de huidige Wtt.

Vraag 8
Wat zegt deze gang van zaken naar uw mening over het keurmerk van Holland Questor, de branchevereniging van trustkantoren, dat dit kantoor heeft?

Antwoord 8
Inspanningen binnen de sector zelf om integriteitsproblemen aan te pakken zijn nodig en worden aangemoedigd. Dit laat onverlet dat trustkantoren dienen te voldoen aan de voor hen geldende wet- en regelgeving. DNB houdt daar toezicht op en de FIOD onder gezag van het OM kan daar waar nodig strafrechtelijk optreden.

Vraag 9
Zijn alle ongebruikelijke transacties die momenteel worden onderzocht door het trustkantoor BK Group gemeld, hetgeen juridisch verplicht is?

Antwoord 9
Indien een trustkantoor constateert dat sprake is van een ongebruikelijke transactie die door een doelvennootschap wordt verricht, dan dient het trustkantoor hiervan melding te maken bij de Financiële inlichtingen eenheid Nederland (FIU-NL). Het niet melden of onvolledig of niet tijdig melden van ongebruikelijke transacties is in strijd met de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme en is een economisch delict in de zin van de Wet op de economische delicten. Tegen een dergelijke overtreding kan bestuursrechtelijk of strafrechtelijk handhavend worden opgetreden. Over lopende bestuursrechtelijke toezichtonderzoeken kunnen verder geen uitspraken worden gedaan, en op dit moment evenmin over hetgeen waar het Openbaar Ministerie al dan niet onderzoek naar doet.

Vraag 10
Wat is uw opvatting over het feit dat het bedrijf LMP Bomore staat ingeschreven op het privéadres van de directeur van BK group, terwijl LMP Bomore volgens mediaberichten is gebruikt om miljoenen euro’s aan voetbalgelden naar Panama te sluizen, om zo belasting te ontwijken? [5] Geeft dit u vertrouwen in het integriteitsbeleid van BK Group?

Antwoord 10
De Wtt noch de Regeling integere bedrijfsvoering Wtt 2014 (Rib Wtt 2014) kennen een verbod of gebod ten aanzien van het vestigingsadres van een vennootschap waar de dienstverlening van een trustkantoor betrekking op heeft. Een afweging omtrent het vestigingsadres van een vennootschap maakt wel onderdeel uit van het integriteitsbeleid van een trustkantoor. Daarbij dient het trustkantoor de feiten en omstandigheden van een concreet geval in acht te nemen.

Vraag 11
Hoeveel rechtszaken lopen er momenteel naar aanleiding van de Panama Papers, de football leaks en andere «leaks»?

Antwoord 11
Het Openbaar Ministerie en de Raad voor de rechtspraak beschikken niet over een dergelijk overzicht. Rechtszaken worden niet aldus gecategoriseerd en niet zelden zijn er verschillenden bronnen die aanleiding tot een rechtszaak geven, waaronder de Panama Papers.

Noten
1 https://fd.nl/ondernemen/1201271/om-onderzoekt-verdachte-transacties-bij-trustkantoor-bk-group
2 PB L 66 van 6-3-2014, blz. 1
3 Hieronder wordt blijkens de Verordening de volgende dienstverlening aan de rechtspersoon verstaan, zover deze dienstverlening al voor de inwerkingtreding van de sancties werd verricht en voor zover nodig om te voldoen aan wettelijke vereisten; i) het ter beschikking stellen van een vestigingsadres dan wel post- en bezoekadres in Nederland, ii) het beheren van bankrekening(en) met strikte inachtneming van de bevriezingsverplichting, iii) het opstellen en verrichten van registraties en deponeringen, iv) het bijhouden van een actuele administratie en boekhouding, v) het opstellen van de financiële verantwoording, vi) het bijeenroepen van de jaarlijkse algemene vergadering van aandeelhouders, vii) het indienen van belastingaangiften, viii) het vertegenwoordigen van de rechtspersoon en verrichten van (rechts)handelingen met betrekking tot de onderdelen i) tot en met vii).
4 https://www.nrc.nl/nieuws/2017/05/10/voetballer-di-maria-sluisde-miljoenen-weg-via-naarden-8773289-a1558069
5 https://www.nrc.nl/nieuws/2017/05/10/voetballer-di-maria-sluisde-miljoenen-weg-via-naarden-8773289-a1558069

31 mei 2017

Toename kosten toezicht trustkantoren

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

De vaste commissie voor Financiën heeft op 18 mei 2017 een aantal vragen en opmerkingen voorgelegd aan de Minister van Financiën over zijn brief van 30 maart 2017 over de verslagen voor de beoordeling van de doelmatigheid en doeltreffendheid van het functioneren van onder meer DNB. Door de leden van D66 wordt gevraagd:

De leden zien dat de toezichtkosten trustkantoren toenemen in 2015, is dit een trend die doorgezet wordt? Welke rol zal DNB op zich nemen met de aanpak van belastingontwijking?

De gestelde vragen zijn nog niet beantwoord.

Bron: de officiële publicatie

23 mei 2017

Nieuwsbrief DNB

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Vandaag is een nieuwe editie van de DNB-nieuwsbrief voor trustkantoren uitgekomen.  Daarin signaleert DNB problemen bij de naleving van de sanctieregelgeving, dringt de Bank aan op melding van ongebruikelijke transacties (Wwft) en behandelt de bank het onderwerp belastingplanning.

Onderstaand de introductieteksten van DNB:

  • DNB-onderzoek belastingplanning: eerste observaties. In het onderzoek signaleert DNB de positieve ontwikkeling dat enkele kantoren het begrip agressieve belastingplanning nader hebben uitgewerkt en vertaald in beleid. Aan de andere kant heeft DNB gezien dat fiscale adviezen die ten grondslag liggen aan de dienstverlening niet altijd actueel zijn. 
  • Trustkantoren hanteren niet altijd de Nederlandse sanctielijst. Uit DNB-onderzoek blijkt dat meerdere trustkantoren niet bekend zijn met de Nederlandse sanctielijst. Ten onrechte veronderstellen zij daardoor te voldoen aan de wet. 
  • Cijfers en trends in de trustsector. In navolging van de eerder gesignaleerde daling van het aantal trustkantoren en aantal doelvennootschappen ziet DNB nu ook een dalende trend in het aantal UBO’s en PEP’s in risicolanden. 
  • Trustsector terughoudend bij melden ongebruikelijke transacties. DNB constateert dat trustkantoren ongebruikelijke transacties niet altijd meteen of soms helemaal niet melden aan de FIU-NL. Dit is in strijd met de wettelijke meldingsplicht.
  • DNB publiceert handvatten voor integrity risk appetite. Veel financiële instellingen zijn bezig met het vormgeven van een integrity risk appetite. In mei publiceert DNB handvatten hiervoor. 
  • De SIRA van papier naar praktijk. DNB start vier nieuwe onderzoeken binnen het thema systematische integriteitrisicoanalyse (SIRA). Vanuit verschillende invalshoeken wordt gekeken naar gebruik en werking van de SIRA. 
  • Drie sanctieregimes voor de Oekraïne. Banken moeten rekening houden met drie sanctieregimes voor de Oekraïne, waaronder de beperkende maatregelen vanwege de illegale inlijving van de Krim en Sebastopol door Rusland.
  • DNB opent Digitaal Loket Toezicht. Op 10 april ging het Digitaal Loket Toezicht (DLT) live. Daarmee biedt DNB een transparanter, efficiënter en gebruiksvriendelijker communicatiemiddel voor de financiële instellingen.
  • Korte berichten: Oproep: geef uw mening over ons toezicht; Inschrijven informatiebijeenkomst toetsingen 5 juli.

NB Overigens klopt in het bericht over de sanctieregelgeving Rusland/Oekraïne de hyperlink niet (15:45 uur). De juiste link is deze.

15 februari 2017

Trustsector op de agenda 2017 van het Financieel Expertise Centrum

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

In het jaarplan 2017 van het Financieel Expertise Centrum (FEC) wordt de trustkantorensector genoemd als thema.

Op pagina 5 wordt de context van de FEC-thema’s aangegeven en staat er onder meer het navolgende:

  • Steeds vaker is er publiciteit rondom belastingontwijking door multinationals of door vermogende personen. De aanpak van belastingontduiking staat hoog op de nationale en internationale politieke agenda. Er is wereldwijd aandacht voor aanscherping van de fiscale regelgeving en transparantie over fiscaal gedrag. Deze ontwikkelingen raken ook de integriteit van de financiële sector. Uit verschillende incidenten is gebleken dat partijen die actief zijn in de financiële sector en onder toezicht staan van DNB of de AFM zoals banken, accountantsorganisaties, trustkantoren en vermogensbeheerders betrokken kunnen zijn bij fiscaal niet integer gedrag. Het kan daarbij gaan om zowel het fiscale gedrag van financiële ondernemingen in relatie tot de eigen belastingpositie, als het faciliteren van belastingontwijking of –ontduiking door klanten. In geval van belastingontduiking is al snel tevens sprake van witwassen. Betrokkenheid bij fiscale integriteitschendingen van partijen die actief zijn in de financiële sector doet afbreuk aan de integriteit van de financiële sector en kan het vertrouwen daarin ernstig aantasten.
  • De trustsector loopt een groot inherent risico om betrokken te raken bij financieel economische criminaliteit, zoals witwassen, de financiering van terrorisme en loopt het risico om betrokken te raken bij maatschappelijk onbetamelijke fiscale constructies. De toezichthouder op de trustsector wees hier het afgelopen jaar regelmatig op en heeft de trustsector hier ook op aangesproken. Het is van belang dat de sector deze risico’s adequaat gaat beheersen. Ook de internationale aanpak van complexe fiscale structuren kan bij trustkantoren leiden tot integriteitsproblematiek. Veel FEC-partners zijn betrokken bij het toezicht op de beheersing van integriteitsrisico’s of bij de opsporing van integriteitsmisstanden in de trustsector en/of aanverwante partijen. Voor een effectieve aanpak hiervan werken zij dan ook in 2017 weer samen op dit thema.

Bij het FEC-thema trustsector wordt de volgende opdrachtomschrijving gegeven:

Op de langere termijn wordt beoogd dat trustkantoren zichtbaar eigen verantwoordelijkheid nemen met betrekking tot de risico identificatie en mitigatie van hun dienstverlening. Trustkantoren hebben daartoe een integere en professionele organisatiestructuur waarbij het belang van integriteit is ingebed in de bedrijfscultuur. Dit vindt zijn weerslag in de relatie met en selectie van hun klanten.
In aansluiting op het verkennende project worden in 2017 de aanbevelingen uit de verkenning uitgevoerd. Deze aanbevelingen omvatten het nader uitwisselen van kennis over de trustsector, nadere samenwerking met BFT en FEC-partners bij de aanpak van illegale trustkantoren en de mogelijkheden te verkennen van een specifiek op de trustsector geformuleerd handhavingsbeleid.

Meer informatie: het jaarplan 2017, te vinden via deze pagina.

%d bloggers liken dit: