Archive for ‘Vaktechniek’

29 november 2017

Nieuwsbrief DNB

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

In de nieuwsbrief die DNB vandaag uitbracht zijn de onderwerpen:

  • DNB-prioriteiten en -onderzoeken 2018: onder meer zal in 2018 naar de naleving van de sanctieregelgeving worden gekeken.
  • Stand van zaken nieuwe wetgeving voor trustkantoren, onder meer wijziging Wwft en introductie ubo-register.
  • Eis van meerdere beleidsbepalers: tweede bestuurder moet volwaardig en gelijkwaardig zijn. DNB attendeert er op dat bij inwerkingtreding van de nieuwe Wtt sprake moet zijn van een dagelijkse leiding van een trustkantoor, bestaande uit tenminste twee personen die in Nederland werken.
  • DNB verzoekt de trustkantoren om hun relatiebestand te controleren op vermelding in de Paradise Papers en eventuele hits te melden.
  • Voortgang DNB onderzoek SIRA in de praktijk
  • FATF-waarschuwingslijsten: update november 2017

 

24 november 2017

Wtt 2018

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Tijdens de Algemene Financiële Beschouwingen is de wijziging van de Wet toezicht trustkantoren aan de orde geweest. De minister van financiën zegt naar aanleiding van vragen dat de verwachting is dat het voorstel begin volgend jaar kan worden ingediend.

Onderstaand de betreffende passage:

De heer Van Weyenberg van D66 heeft gevraagd waarom de Wet toezicht trustkantoren zolang duurt. Het voorstel voor de herziening van de trustwetgeving is al enige tijd in voorbereiding. Vorig jaar heeft een consultatie over een concept van het voorstel plaatsgevonden. Er waren natuurlijk belangrijke ontwikkelingen, niet in de laatste plaats deze week, maar ik noem ook de onthullingen rond de Panama Papers. De parlementaire ondervragingscommissie is daar natuurlijk ook mee bezig geweest. Zoals ik het heb begrepen, werd het ook van belang geacht om de bevindingen van die commissie bij het voorstel te betrekken. Voor de zomer heeft de commissie dat verslag uitgebracht. Mijn voorganger heeft de Kamer aangegeven dat enkele zaken uit het verslag ook direct een plek krijgen in het wetsvoorstel. Dat wetsvoorstel is afgerond en zal op zeer korte termijn voor advies naar de Raad van State worden gestuurd. Ik hoop en verwacht dat het voorstel begin volgend jaar ook bij uw Kamer, voorzitter, wordt ingediend.

Meer informatie: dit document

Tags:
23 november 2017

Belastingontduiking niet altijd motief voor verplaatsing van vermogen naar het buitenland

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Kamerlid mevrouw Leijten, bekend van de Nederlandse PANA commissie, stelt regelmatig vragen over trustkantoren, zo ook weer onlangs. Alleen gingen die vragen niet over Nederlandse trustkantoren of de door hen beheerde doelvennootschappen. Naar aanleiding van de vragen merkt de minister van financiën op dat bij verplaatsing van vermogen naar het buitenland niet altijd sprake is van ontgaan van belastingen als motivatie:

De ervaring die is opgedaan tijdens onderzoeken naar situaties waarbij vermogen is verplaatst naar het buitenland leert dat niet in alle gevallen sprake is van het ontgaan van belastingen. Redenen die door belastingplichtigen worden genoemd voor het plaatsen van vermogen in het buitenland zijn onder meer:

– het bundelen van (familie)vermogen;
– het voorkomen van versnippering van (familie)vermogen in geval van bijvoorbeeld overlijden, echtscheiding of conflicten;
– het gebruik van een trust (niet zijnde een trustkantoor) als alternatief voor een testament, om (erf)opvolging van internationaal georiënteerde families te regelen;
– het versterken van de zeggenschap van personen in een bedrijf;
– het voorkomen dat familievermogen onnodig wordt uitgeven terwijl dit geld bijvoorbeeld nodig is voor investeringen in een bedrijf;
– het voorkomen dat kinderen bekend raken met hun rijkdom;
– het voorkomen dat derden (bijvoorbeeld media, criminelen) bekend raken met de vermogenspositie van bepaalde personen;
– het veiligstellen van vermogen in conflictgebieden;
– het veiligstellen van vermogen uit vrees voor nationalisatie van privéeigendom.

De achtergrond is verschillend van aard: de eerste drie hiervoor genoemde redenen houden verband met het erfrecht. Hiervoor wordt vaak gebruik gemaakt van de rechtsfiguur trust of een daarmee vergelijkbare buitenlandse rechtsfiguur omdat het Nederlandse recht geen volwaardig alternatief hiervoor kent. Bij een trust wordt vermogen afgezonderd en wordt de trustee de eigenaar van het afgezonderde vermogen terwijl dit vermogen geen deel uitmaakt van zijn eigen vermogen en dus bijvoorbeeld niet vatbaar is voor het verhaal van schuldeisers van de trustee. De Nederlandse rechtsvorm die de trust het dichtst benadert, is de stichting. Echter, een Nederlandse stichting mag in tegenstelling tot de trust geen uitkeringen doen. Het uitkeringsverbod vormt een wezenlijke belemmering om de stichting te gebruiken als alternatief voor de trust. Bij gebruik van een trust, of een daarmee vergelijkbare buitenlandse rechtsfiguur, hoeft geen sprake te zijn van ontgaan van belasting. De Nederlandse belastingwetgeving kent specifieke bepalingen omtrent dergelijke rechtsfiguren. Die bepalingen zijn ook van belang in het kader van het toezicht door de Belastingdienst.
Redenen als het voorkomen dat kinderen bekend raken met hun rijkdom of het vermogen uitgeven hebben een ander karakter. In dergelijke gevallen is het ook mogelijk om dit binnen een Nederlands context te realiseren. Wel is het zo dat betrokkenen vrij zijn om hierin hun eigen keuzes te maken.
De laatste twee genoemde redenen, het veiligstellen van vermogen in conflictgebieden of het veiligstellen van vermogen uit vrees voor nationalisatie zullen zich niet snel voordoen in een geheel Nederlandse context.

Meer informatie: antwoord op kamervragen 20 november 2017

10 november 2017

Nieuwsbericht kabinet: strengere regels trustsector

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Het kabinet laat in een nieuwsbericht van vandaag weten dat er strengere regels voor trustkantoren aankomen en meldt dat het consultatieverslag openbaar is gemaakt:

Kabinet legt trustsector strengere regels op
Nieuwsbericht | 10-11-2017 | 14:30

Het kabinet gaat de trustsector in Nederland strengere regels opleggen. De Nederlandsche Bank krijgt daarnaast meer bevoegdheden voor toezicht en handhaving. Dat is de kern van het wetsvoorstel van minister Hoekstra van Financiën, waarmee de ministerraad heeft ingestemd.

Trustkantoren dienen als poortwachters het Nederlandse financiële stelsel te beschermen tegen misbruik. Ze moeten witwassen, terrorismefinanciering en belastingontduiking voorkomen. Minister Hoekstra: ‘De afgelopen jaren heeft de trustsector ons stelsel onvoldoende verdedigd en in sommige gevallen zelfs zaken als belastingontduiking gefaciliteerd. DNB heeft meermalen geconstateerd dat trustkantoren de wet, naar de letter maar ook naar de geest, onvoldoende naleven. Dat is reden voor het kabinet om in te grijpen. Trustkantoren moeten integer en betrouwbaar zijn en goed controleren voor wie ze werken.’

In de nieuwe Wet toezicht trustkantoren 2018 wordt meer integriteit en professionaliteit van kantoren geëist. Ze moeten een BV of NV zijn en een dagelijkse leiding hebben van ten minste twee personen, die vanuit Nederland moeten werken. Verder scherpt de nieuwe wet de eisen aan de interne controle aan. De zogeheten compliancefunctie mag niet worden uitbesteed aan een externe partij.

Trustkantoren mogen niet langer aan een en dezelfde cliënt zowel belastingadvies geven als trustdiensten verlenen. Ook moeten kantoren meer en beter onderzoek doen naar een cliënt voor ze daadwerkelijk met hem in zee gaan. Die gegevens moeten voor DNB controleerbaar zijn. Trustkantoren worden verder verplicht om in het kader van cliëntenonderzoek informatie met elkaar te delen. Dit moet voorkomen dat trustkantoor A een klant afwijst vanwege integriteitsrisico’s, maar hij bij trustkantoor B gewoon geholpen wordt.

De Wet toezicht trustkantoren 2018 breidt de bevoegdheden van DNB op meerdere punten uit. DNB kan kantoren verplichten een gedragslijn over te nemen. De hoogste boetes die DNB kan opleggen gaan omhoog van 4 naar 5 miljoen euro. Er komt ook een omzetgerelateerde en een voordeelgerelateerde boete.

DNB krijgt verder meer mogelijkheden om de vergunning van een trustkantoor in te trekken en kan bij bepaalde overtredingen de bestuurders een tijdelijk beroepsverbod opleggen. DNB mag als de nieuwe wet is aangenomen ook overtredingen en sancties openbaar maken. Net als de overige uitgebreide bevoegdheden moet hier een afschrikwekkende werking van uit gaan.

De ministerraad heeft ermee ingestemd het wetsvoorstel voor advies aan de Raad van State te zenden. De tekst van het wetsvoorstel en van het advies van de Raad van State worden openbaar bij indiening bij de Tweede Kamer. Het consultatieverslag wordt nu al wel openbaar gemaakt op internetconsultatie.nl. Hierin reageert de minister van Financiën op suggesties van betrokken partijen bij de vorig jaar geconsulteerde eerste versie van het wetsvoorstel.

Zie voor de internetconsultatie die heeft plaats gevonden deze pagina. Er zijn negen openbare consultatiereacties.

Tags: , ,
30 oktober 2017

Panama Commissie | brief van de commissie over parlementaire ondervraging in het algemeen; brief minister

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

In het dossier ‘Parlementaire ondervraging Fiscale constructies’ over toezicht op trustkantoren en fiscale constructies heeft het volgende plaats gevonden

Brief commissie

Op 26 september 2017 stuurde de Parlementaire ondervragingscommissie Fiscale constructies (‘Panama Commissie’) een brief aan de tweede kamer, die als volgt wordt geïntroduceerd door de voorzitter:

De Parlementaire ondervragingscommissie Fiscale constructies biedt u hierbij haar evaluatie aan. In de evaluatie geeft de ondervragingscommissie een terugblik op de door haar verrichte werkzaamheden en zijn enkele aanbevelingen geformuleerd die de werking van het instrument parlementaire ondervraging, vastgelegd in het Tijdelijk protocol parlementaire ondervraging, kunnen verbeteren.

In deze brief wordt de onderzoeksopdracht nog een keer samengevat:

1. De opdracht van de ondervragingscommissie

Op 11 oktober 2016 stemde de Tweede Kamer in met het onderzoeksvoorstel tot het houden van een parlementaire ondervraging naar fiscale constructies (Handelingen II 2016/17, nr. 10, item 14). Het doel van de parlementaire ondervraging was het verkrijgen van meer inzicht in de werkwijze van de trustsector en de fiscale adviespraktijk en de effectiviteit van het toezicht daarop. De parlementaire ondervraging richtte zich op twee in principe afzonderlijke kwesties, te weten:
A) het doorsluizen van kapitaal via in Nederland gevestigde doelvennootschappen zonder noemenswaardige reële economische activiteit in Nederland («brievenbusfirma’s»);
B) het wegsluizen van particuliere vermogens naar in het buitenland gevestigde doelvennootschappen, met de bedoeling deze aan het oog van de fiscus te onttrekken.

Het inzicht dat de commissie wilde vergaren in de trustsector, de werking van de fiscale adviespraktijk en het toezicht daarop, heeft zij in ruim voldoende mate verkregen. De commissie heeft dit voornamelijk bereikt door het openbaar verhoren onder ede van 27 personen in 23 verhoren.
Inherent aan de inzet van het instrument parlementaire ondervraging is dat geen stukken worden gevorderd. [6] Mondelinge informatievergaring staat bij een parlementaire ondervraging centraal. De commissie heeft zich op de verhoren voorbereid op basis van openbare bronnen, enkele openbare en besloten gesprekken met deskundigen en adviezen van de klankbordgroep.
De vraagstelling in de onderzoeksopdracht was breed geformuleerd en richtte zich niet op een concrete casus, maar op het verkrijgen van inzicht in een complexe en veelomvattende sector. De onderzoeksopdracht richtte zich zoals gezegd op twee afzonderlijke kwesties; het doorsluizen van kapitaal via Nederland («brievenbusfirma’s») en het wegsluizen van particuliere vermogens.
De commissie is van mening dat het aanbrengen van meer specifieke focus in de vraagstelling in het toch al complexe thema van het onderzoek, nuttig was geweest. Omdat niet één maar twee kwesties centraal stonden, werden meer getuigen en deskundigen verhoord dan bij één thema van onderzoek het geval zou zijn geweest. Ook waren de verhoren veelomvattend en liepen de discussies over enerzijds brievenbusfirma’s en anderzijds het wegsluizen van particuliere vermogens, soms door elkaar. Omdat beide kwesties zeer aan elkaar zijn gelieerd en samenhangen met dezelfde problematiek, was dit voor het onderzoek van de commissie geen probleem. Wel zorgt het onderzoeken van één in plaats van twee thema’s voor meer overzichtelijkheid en focus én voor minder verhoren. De commissie beveelt dan ook aan de vraagstelling in een onderzoeksopdracht zo specifiek en concreet mogelijk te formuleren.


[6] De opzet van het protocol is dat een ondervragingscommissie geen gebruik zal hoeven maken van haar bevoegdheden om schriftelijke inlichtingen te vorderen, documenten te vorderen of plaatsen te betreden, zo vermeldt het Tijdelijk protocol parlementaire ondervraging (Kamerstuk 34 400, nr. 2, p. 6).

Brief minister van financiën

Op 24 oktober 2017 verzond de minister van financiën een brief aan de tweede kamer waarin met name op het toezicht op trustkantoren wordt ingegaan. Opvallend is dat een verbod op uitbesteding van de compliance functie in het aankomende wetsvoorstel zal worden opgenomen en dat geen belastingadvies aan eigen cliënten zal mogen worden gegeven.

Daarbij kan worden aangetekend dat er dan een verschil zal moeten worden gemaakt tussen belastingadvies en naleving van belastingverplichtingen door doelvennootschappen. Dat laatste is een eigen verantwoordelijkheid van het bestuur (= het trustkantoor) van doelvennootschappen, zodat het trustkantoor over medewerkers zal dienen te beschikken met fiscale kennis.

De tekst van de brief van de minister:

In deze brief wil ik mij daarom beperken tot de bevindingen van de commissie over zelfregulering in de trustsector en het toezicht op trustkantoren. Daarnaast ga ik in op de wetgevingssuggesties van De Nederlandsche Bank N.V. (DNB) die in het verslag zijn opgenomen en informeer ik uw Kamer over de acties die ik in gang heb gezet.

Naleving en zelfregulering trustsector
Uit het verslag van de ondervragingscommissie blijkt dat DNB van oordeel is dat de trustsector nog steeds moeite heeft om te voldoen aan de wettelijke vereisten. De commissie heeft daarnaast bij de ondervragingen de indruk gekregen dat de sector niet zelf bereid is om nadere invulling te geven aan het handelen naar de geest van de wet. De commissie constateert ook dat breed wordt erkend, overigens mede door bevraagde vertegenwoordigers van trustkantoren, dat binnen de trustsector geen sprake is van effectieve zelfregulering.
De trustsector wordt op grond van de Wet toezicht trustkantoren geacht om te fungeren als een van de poortwachters van het Nederlandse financieel stelsel. Deze rol houdt in dat trustkantoren zich moeten inspannen om te helpen voorkomen dat het Nederlandse financieel stelsel wordt gebruikt voor het witwassen van geld, het financieren van terrorisme of voor handelingen die als maatschappelijk onbetamelijk worden beschouwd. Dit vraagt uitdrukkelijk om meer dan alleen het handelen naar de letter van de wet. De constatering dat de trustsector moeite heeft om de wet na te leven en dat er tevens een gebrek aan bereidheid is om zowel letter als geest van de wet na te leven, is mij niet onbekend. Deze signalen zijn mede aanleiding geweest om de betrokken wetgeving en het toezicht daarop aan te scherpen. Daarover hierna meer.
Dat een sector of een deel daarvan besluit tot zelfregulering, is in beginsel lovenswaardig, maar heeft alleen meerwaarde als die eigen regels uitstijgen boven wat al wettelijk verplicht is en als die regels ook worden omgezet in daadwerkelijk handelen. Bij de op dit moment bestaande zelfregulering van de trustsector is hiervan geen sprake. Ik heb de sector dan ook opgeroepen om te laten zien dat het hun ernst is met deze zelfregulering. Dat houdt, wat mij betreft, in dat op korte termijn een eigen keurmerk is vastgesteld dat zichtbaar uitstijgt boven de wettelijke normen en dat de trustkantoren aan wie dit keurmerk wordt verleend ook daadwerkelijk en aantoonbaar aan deze strenge eigen regels voldoen.

Toezicht op trustkantoren
Het toezicht van DNB op trustkantoren is nadrukkelijk aan bod gekomen bij de ondervragingen. Daarbij ging het mede om de beschikbare capaciteit en de inzet hiervan. Allereerst vind ik het van belang om op te merken dat het toezicht van DNB risicogebaseerd plaatsvindt. Daarvoor gebruikt DNB risicoanalysemodellen. Met gebruik van deze modellen en de beschikbare informatie over een trustkantoor worden relevante risico’s in kaart gebracht en beoordeeld. DNB gebruikt het opgestelde risicoprofiel om in het operationele toezicht prioriteiten te stellen. Het risicoprofiel en de mate van risicobeheersing door trustkantoren wordt zeer regelmatig geactualiseerd. DNB inventariseert de maatregelen van risicobeheersing onder andere door middel van eigen onderzoeken ter plaatse. Tegelijkertijd houdt risicogebaseerd toezicht in dat de toezichtinspanning niet op alle trustkantoren gelijk hoeft te zijn. Vanwege geconstateerde misstanden in de trustsector heeft DNB sinds 2016 extra capaciteit voor het toezicht op trustkantoren. Deze extra capaciteit is in ieder geval nodig totdat de wetgeving voor trustkantoren verder is aangescherpt. Hiervoor is een wetsvoorstel in voorbereiding (Wet toezicht trustkantoren 2018). Met de aangescherpte regels en aanvullende bevoegdheden in de Wet toezicht trustkantoren 2018 verwacht DNB effectiever toezicht te kunnen houden. Daardoor kan DNB haar capaciteit efficiënter inzetten. Ik maak daarbij de afspraak met DNB dat zij goed in de gaten houdt of de beschikbare capaciteit afdoende is om het toezicht effectief uit te voeren en de Minister van Financiën te informeren als dit niet het geval blijkt.

Wetgevingssuggesties DNB
Tijdens de ondervragingen heeft DNB suggesties gedaan voor wijziging van de wetgeving voor trustkantoren. Deze suggesties zijn opgenomen in box 2 van het verslag van de ondervragingscommissie.
Op dit moment heeft het Ministerie van Financiën de Wet toezicht trustkantoren 2018 in voorbereiding waarmee wordt beoogd de regelgeving voor het verlenen van trustdiensten aan te scherpen. Het streven is dat dit voorstel begin volgend jaar aan uw Kamer kan worden gezonden. De suggesties in het verslag zijn betrokken bij dit voorstel. Mede op basis van suggesties die door DNB zijn gedaan, wordt het wetsvoorstel aangescherpt of aangevuld.

Drie suggesties hebben direct een plek gekregen in het wetsvoorstel. Het voorstel bevat:
1. een verbod voor trustkantoren om de uitoefening van de compliancefunctie uit te besteden;
2. een verbod om binnen dezelfde groep zowel trustdiensten als belastingadvies te verlenen aan een cliënt, ten einde belangenverstrengeling te voorkomen en de onafhankelijkheid van een trustkantoor te waarborgen;
3. een verruiming van de mogelijkheden om bij overtreding van de wet de vergunning van een trustkantoor in te trekken.

Daarnaast wordt bezien hoe de suggestie om dienstverlening aan bepaalde juridische constructies met inherente integriteitrisico’s te verbieden, later gedurende het wetgevingstraject een plek in het voorstel kan krijgen. In de komende periode wordt samen met DNB gekeken welke dienstverlening dit zou moeten betreffen en hoe het verbod vorm kan krijgen.

Naar de suggesties 6 (verplichting toezichthoudend orgaan bij trustkantoren) en 7 (inzicht in financiële positie trustkantoren inclusief externe controle) wordt nog nader gekeken. Het verplicht hebben van een toezichthoudend orgaan zorgt voor aanvullende inhoudelijke en financiële verplichtingen voor trustkantoren. Bezien wordt in hoeverre deze maatregel voor alle trustkantoren proportioneel is, mede gelet op de beperkte omvang van sommige trustkantoren. Voor wat betreft het inzicht in de financiële positie van trustkantoren zal vooral nader worden gekeken naar externe controle. Op dit moment moeten trustkantoren al diverse gegevens beschikbaar houden voor DNB waaronder financiële informatie. Een verplichting om op de informatie over de financiële positie een externe controle te laten verrichten zou nieuw zijn. Hierover vindt overleg met DNB plaats.

Suggestie 5 (ruimere informatiedeling DNB met partners) en suggestie 8 (toepassing maatschappelijk betamelijk handelen op beroepsgroepen advocaten, notarissen, accountants en fiscalisten) zullen in gezamenlijkheid met de Minister van Veiligheid en Justitie worden bezien.

12 oktober 2017

Regelgevend kader voor de trustsector wordt strenger | Regeerakkoord

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

In het recent bekend gemaakte Regeerakkoord worden diverse fiscale maatregelen aangekondigd die relevant zijn voor de trustsector. Ook gaat men verder met de herziening van de Wet toezicht trustkantoren, zonder dat op de details wordt ingegaan (pagina 38):

Het regelgevend kader voor de trustsector wordt strenger en het instrumentarium van de toezichthouder (De Nederlandsche Bank) wordt uitgebreid.

Tags:
3 oktober 2017

Oprichting Nederlandse Vereniging van Trustkantoren (NVVTK)

door Compliance Platform Trustkantoren

Van het bestuur van de nagenoemde vereniging ontvingen wij onderstaand bericht, dat wij graag onder jullie aandacht brengen:

Op 1 juni 2017 is de Nederlandse Vereniging van Trustkantoren (NVVTK) opgericht. De aanleiding voor het oprichten van de NVVTK is de behoefte in de markt aan een belangenbehartiger voor alle trustkantoren, waarbij de inbreng en de contributie voor alle leden gelijk is. Het doel van de NVVTK is het vergroten van het maatschappelijk draagvlak voor de trustsector en het behartigen van de belangen van de leden van de NVVTK, waarbij de nadruk ligt op het toekomstbestending houden van de trustsector.

De NVVTK is een vereniging van, voor en door leden. Dit houdt in dat aan de leden zal worden gevraagd om regelmatig een bijdrage te leveren om het doel van de NVVTK te bereiken. Hierbij kan men denken aan het aandragen van onderwerpen voor seminars en themadagen, en het (op anonieme basis) delen van informatie (waaronder input van DNB). Door onder meer de kennisuitwisseling tussen trustkantoren onderling (door bijeenkomsten, seminars, nieuwsbrieven et cetera) krijgt een lid toegang tot meer informatie en kan de uitwisseling zorgdragen voor meer uniformiteit binnen de trustsector. Zo kunnen de leden ‘good practices’ met elkaar delen binnen de NVVTK en kan de sector hierop inspelen en zich – indien nodig – verbeteren.

Daarnaast wil de NVVTK ook invulling geven aan de behoefte onder trustkantoren om meer interactie met de toezichthouder te krijgen. Aan de andere kant is de NVVTK van mening dat DNB, via de NVVTK als spreekbuis, veel trustkantoren kan bereiken.

De kosten voor lidmaatschap van de NVVTK bedragen € 1.200,- per kalenderjaar. Voor meer informatie inzake de NVVTK verwijzen wij graag naar onze website (www.nvvtk.nl). Indien uw organisatie lid wil worden van de NVVTK, klik dan hier en vul het online formulier in.

27 september 2017

Nieuwsbrief trustkantoren door DNB

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

DNB heeft wederom een nieuwsbrief voor trustkantoren uitgebracht. Onderstaand de intro’s:

Combinatie belastingadvies en trustdienstverlening problematisch
Bij kantoren die belastingadvies en trustdiensten combineren, is de trustdienstverlening vaak ondergeschikt aan belastingadvies. Dit belemmert een integere bedrijfsvoering.

Handmatige controle van sanctielijsten te foutgevoelig
Handmatige screening aan de hand van sanctielijsten is dermate foutgevoelig dat dit in de hoogrisico-omgeving van de trustdienstverlening ongewenst is.

Acht trustkantoren kregen aanwijzingen over hun auditfunctie
DNB heeft acht trustkantoren via een aanwijzing gedwongen tot een effectieve audit van een onafhankelijke auditor.

Uitvraag over beheersing integriteitrisico’s
DNB zal medio oktober aan ongeveer 25 trustkantoren een online vragenlijst voorleggen over de integere bedrijfsvoering.

Wet toezicht trustkantoren 2018
Het wetsvoorstel inzake de Wet toezicht trustkantoren 2018 (Wtt18) wordt naar verwachting in 2018 in de Tweede Kamer behandeld.

Kort nieuws
Hierin aandacht voor:

  • Good Practice Integrity Risk Appetite;
  • Informatiebijeenkomst toetsingen 6 november;
  • Vervolg onderzoeken Agressieve belastingplanning en klantanonimiteit.
24 augustus 2017

Brief van de Nederlandse PANA commissie

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Op 21 augustus jl. heeft de Nederlandse PANA commissie een brief gestuurd aan de tweede kamer. De brief gaat over de berichten over vermeende meineed door één van de gehoorde personen, de heer Poelen, verbonden aan het fiscaal advies- en trustkantoor Infintax. De commissie schrijft:

De commissie heeft deze zaak serieus geanalyseerd en advies ingewonnen bij de parlementair advocaat.

maar trekt in de brief geen conclusies, anders dan:

Een afschrift van deze brief wordt aan het Openbaar Ministerie verzonden.

Verder gebruikt de commissie de brief als mogelijkheid om nogmaals een politiek statement over de sector van de trustkantoren te maken:

De commissie beschreef in haar verslag «Papieren werkelijkheid» (Kamerstuk 34 566, nr. 3) dat door betrokkenen bij fiscale constructies het zicht op de werkelijkheid wordt vertroebeld, waardoor het voor toezichthouders en de fiscus moeilijk is belastingontduiking- en ontwijking tegen te gaan. Bepaalde trustkantoren houden zich onvoldoende aan de wet, waardoor malversaties kunnen voortbestaan. Het toezicht op de sector is onvoldoende effectief, zelfregulering functioneert thans niet en van een eigenstandige moraal ten aanzien van de geest van de wet en de daarbij behorende fiscale verplichtingen lijkt in de sector geen sprake.
De commissie heeft tijdens de verhoren de indruk gekregen dat de genoemde partijen in het algemeen niet zelf bereid zijn nadere invulling aan het handelen naar de geest van de wet te geven. De wetgeving lijkt voor betrokkenen bij het opzetten van constructies vaak maatgevend te zijn voor de moraal die zij in acht nemen.

2 augustus 2017

Publieke managementletter NBA over trustkantoren

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

In een ongedateerd bericht laat accountantsorganisatie NBA weten dat de  NBA Signaleringsraad heeft besloten de trustkantoren sector als thema aan te wijzen. In december a.s. zal een publieke managementletter over trustkantoren worden uitgebracht:

Trustkantoren
Het onderwerp Trustkantoren heeft een relatie met de bekende Panama Papers en vergelijkbare verschijnselen van belastingontwijking. Het is een nichemarkt die nog weinig bekendheid geniet, maar verbonden is met de financiële sector (banken/beleggingsmaatschappijen). Nederland heeft de twijfelachtige reputatie een belastingparadijs te zijn. Een belangrijk vraagstuk is ethiek: wanneer is belastingreductie via allerlei beheerconstructies en buitenlandroutes moreel nog verantwoord?
De publieke managementletter trustkantoren is gepland voor december 2017.

Tags:
%d bloggers liken dit: