Posts tagged ‘Wtt’

24 juli 2020

Trustbazen

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Een nieuw dieptepunt in de journalistiek is het artikel Nederlandse trustbazen en notarissen waren cruciaal in Braziliaans bedrog, geschreven door Jeroen Wester voor het NRC. Tegen dergelijke journalistieke marketing kunnen nette mensen niet op. Met ongenuanceerde teksten als “Trustkantoren weten hoe je de geursporen van geld uitwist“. Net alsof alle trustkantoren criminelen zijn.

Er wordt geschreven [*] dat het vermeende criminele gebeuren mogelijk zou zijn door de rol van notarissen, die het criminele gebeuren – zo wordt gesuggereerd – hadden moeten ontdekken en melden aan FIU-Nederland. Enige onderbouwing daarvan ontbreekt, zodat de notarissen ten onrechte prominent in de kop van het artikel staan.

Het is te hopen dat de feiten in het verhaal over het criminele circuit en de betrokkenheid van de mensen van trustkantoren kloppen, want ook journalisten maken fouten. En de bron, ICIJ, is niet brandschoon.

Het is een lekker vet verhaal. Dus de auteur kan tevreden zijn.

 

Ter zijde: onderzoeksjournalistiek is een lucratieve business, waarbij het belangrijk is om in beeld te blijven. Vandaar dat de schandalen elkaar gedoseerd opvolgen.

 

[*] Er staat:

Mede mogelijk door notarissen
De steekpenningenadministratie van Odebrecht reikt in Nederland verder dan alleen de trustkantoren en de stromannen. Nederlandse notarissen spelen een belangrijke rol bij het mogelijk maken van het smeergeldsysteem. Notarissen dienen als poortwachters om de samenleving te beschermen tegen witwaspraktijken en na te gaan wie hun cliënten zijn en wat de herkomst van gelden is. Ongebruikelijke transacties moeten zij melden.

Meer staat er niet over de notarissen. Tja, de journalist weet niet af van de Wtt 2018 en de Wwft die gelden voor de door hem beschreven trustkantoren.

Tags: ,
6 juli 2020

Trustkantoren in de witwasbestrijdingsplannen

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Trustkantoren worden genoemd in de nieuwste criminaliteitsbestrijdingsupdate van de Ministeries van Financiën en Veiligheid. Aanvullende regels zullen worden opgenomen in het wetsvoorstel plan van aanpak witwassen, waarvan is voorzien dat het na de zomer voor advies aan de Raad van State wordt aangeboden.

Voorts wordt melding gemaakt van maatregelen op fiscaal gebied, naast maatregelen in de sfeer van de Wtt 2018:

Voorts zijn ten aanzien van het verder terugdringen van witwaspraktijken via constructies bij trustkantoren en offshore vennootschappen, (aanvullende) maatregelen aangekondigd in de eerste voortgangsrapportage van het plan van aanpak witwassen. De aanvullende wettelijke maatregelen worden meegenomen in het wetsvoorstel plan van aanpak witwassen. Het onderzoek naar illegale trustdiensten is aanbesteed en zal eind 2020 worden afgerond. Daarnaast loopt in het FEC een project waarin een Compliance Model Trust wordt ontwikkeld voor een integraal beeld van de sector, om te komen tot de best mogelijke interventiestrategie. Ook heeft het thema offshores verhoogde aandacht binnen het AMLC. Fiscale maatregelen om belastingontwijking tegen te gaan versterken de aanpak van deze risico’s. Over de effecten van deze maatregelen is uw Kamer bij brief van 29 mei jl. geïnformeerd. Een belangrijke nieuwe maatregel die is aangekondigd op dit gebied is de conditionele bronheffing op dividenden vanaf 2024. Deze maatregel is aanvullend op de bronbelasting op rente en royalty’s vanaf 2021, en gaat gelden voor geldstromen naar landen met een winstbelastingtarief van minder dan 9% en landen die op de Europese lijst staan, ook als Nederland met deze landen een belastingverdrag heeft.

 

Bron: Wwft-brief van de Ministers van Financiën en Veiligheid van 3 juli 2020: document site Tweede Kamer.

Tags: , , ,
22 mei 2020

Personentoetsing ubo’s trustkantoren | wetsvoorstel wijziging Wwft en Wtt 2018

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Op mijn algemene blog publiceerde ik Vragen over personentoetsing naar aanleiding van de nieuwste wijzigingswet Wwft | nieuwste witwasbestrijdings-hamerstuk. Daarin bespreek het nieuwste voorstel tot wijziging van de Wwft en Wtt 2018, met personentoetsing van ubo’s van bepaalde vergunningplichtige ondernemingen, waaronder trustkantoren.

25 april 2020

DNB heeft iets bedacht voor trustkantoren | verbod op fiscaal advies

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Het is een fascinerend te zien hoe er om de zoveel maanden nieuwe wetgevende ideeën voor de trustkantorensector worden gelanceerd. In januari van dit jaar werd door de Minister van Financiën meegedeeld dat DNB ontevreden was en het op de wensen van DNB gebaseerde wetsvoorstel ging in april in consultatie. Deze maand werd bekend dat de ubo van het trustkantoor getoetst gaat worden.

Het geeft aan dat regels in het domein van het Ministerie van Financiën met de snelheid van het licht kunnen veranderen, het regelgevingssubject heeft nauwelijks de vorige wijziging geïmplementeerd, of daar is de volgende wijziging al weer.

Nieuw idee van DNB

Uit de laatste wetgevingswensenbrief, die van 12 maart dateert en onlangs bekend werd, blijkt dat DNB iets nieuws heeft bedacht, iets waarvan ik me afvraag of het een serieus prangend probleem is. In ieder geval werd daar in het bericht van de Minister van januari jl. niet over gerept.

DNB vraagt in de wensenbrief om een algeheel belastingadviesverbod in de Wet toezicht trustkantoren 2018 (Wtt 2018):

2.6 Algeheel verbod op het verstrekken van belastingadvies door een trustkantoor

Op grond van de Wtt 2018 is het voor een trustkantoor met zetel in Nederland verboden om trustdiensten te verlenen aan een cliënt die uitvoering geeft aan belastingadvies dat aan deze cliënt is verstrekt door ditzelfde trustkantoor. Het verbod beoogt de onafhankelijke uitvoering van het cliëntenonderzoek voorafgaand aan het aangaan van de zakelijke relatie of het verlenen van de trustdienst te waarborgen. Doordat het verbod thans is beperkt tot de combinatie van het verlenen van trustdiensten en het verstrekken van belastingadviezen aan één en dezelfde cliënt, is het voor DNB niet altijd vast te stellen of deze onafhankelijke uitvoering daadwerkelijk gewaarborgd is. Dit komt ook omdat er geen verplichting bestaat om een onafhankelijk belastingadvies op te nemen in een dienstverleningsdossier. DNB stelt voor om het verbod te vereenvoudigen door een algeheel verbod op te nemen op het verstrekken van belastingadvies door een trustkantoor. Hiermee wordt het uitvoeren van een onafhankelijk cliëntenonderzoek beter gewaarborgd.

De Wtt 2018 is op 1 januari 2019 in werking getreden, zodat er nog nauwelijks ervaring mee is. Uit het bericht van DNB blijkt niet dat er grote aantallen incidenten zijn geweest, die tot deze wijziging nopen.

Is dit misschien een oplossing voor een niet bestaand probleem? Of is de gedachte dat het goed is om de regelgeving ieder half jaar aan te passen, zodat de veranderingen alleen door ondernemingen met een grote juridische afdeling kunnen worden gevolgd?

Overigens is het belangrijk voor trustkantoren om over adequate fiscale kennis te beschikken, aangezien zij de door de belastingadviseurs van hun cliënten ontworpen structuren c.a. moeten beoordelen. Vanwege de rol van trustkantoren onder DAC6 is dat al helemaal belangrijk.

19 april 2020

Toetsing van de ubo’s van trustkantoren | wetsvoorstel tot wijziging van Wtt 2018

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Op 17 april 2020 is een nieuwe wet tot implementatie van de Europese antiwitwasrichtlijn bij de Tweede Kamer ingediend, die onder meer  betrekking heeft op de Wet toezicht trustkantoren 2018.

Volgens het voorstel zal in de Wet toezicht trustkantoren 2018 worden opgenomen dat de uiteindelijk belanghebbende (ubo) van trustkantoren een personentoetsing zal ondergaan. Of dit praktische betekenis heeft, is de vraag, nu ik verwacht dat bij de kleinere trustkantoren de ubo ook beleidsbepaler zal zijn. Bij grotere trustkantoren is denkbaar dat er geen ‘echte’ ubo is, zodat de statutair bestuurders pseudo-ubo zijn. Zij worden als beleidsbepaler al getoetst.

Een iets uitgebreidere bespreking van het wetsvoorstel is op mijn algemene blog te vinden.

 

Meer informatie:

Tags:
9 april 2020

Wijziging Wtt 2018 in consultatie | doorstroomvennootschappen en schurkenstaten

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Vandaag is de internetconsultatie ‘Wijziging Wet toezicht trustkantoren 2018‘ van start gegaan. Onderstaand de aankondiging met vindplaatsen en daarna de teksten van het doorstroomvennootschapverbod en het hoog risicolandenverbod.

 

Aankondiging

Hierna volgen delen van de aankondiging, met verwijzingen naar de consultatiedocumenten.

Wijziging Wet toezicht trustkantoren 2018
Wijziging van de Wet toezicht trustkantoren 2018 in verband met aanvullende maatregelen om de integriteitrisico’s bij trustdienstverlening te beheersen

Consultatie gegevens
Publicatiedatum 09-04-2020
Einddatum consultatie 07-05-2020

Doelgroepen die door de regeling worden geraakt
Trustkantoren

Verwachte effecten van de regeling voor de doelgroepen
Voor de verwachte effecten van de regeling wordt verwezen naar §3 van het algemeen deel van de memorie van toelichting. In deze paragraaf wordt ingegaan op de gevolgen en effecten voor het bedrijfsleven die het wetsvoorstel met zich mee zou kunnen brengen.

Waarop kunt u reageren
De reacties mogen betrekking hebben op alle onderdelen van het wetsvoorstel en de memorie van toelichting.

Downloads
Concept regeling Wetsvoorstel
Ontwerp toelichting Memorie van Toelichting
• Integraal Afwegingskader voor beleid en regelgeving (IAK) Toelichting op IAK vragen

 

Doorstroomvennootschapsverbod en hoog risicolandenverbod in het voorstel

Het voorstel bevat een verbod op doorstroomvennootschappen dat als volgt is geformuleerd:

Artikel 3a. Verbod optreden als doorstroomvennootschap
1. Het is eenieder met zetel in Nederland verboden om beroeps- of bedrijfsmatig een doorstroomvennootschap aan te bieden.
2. Onder doorstroomvennootschap wordt in dit artikel verstaan een rechtspersoon of vennootschap zonder economische activiteit, die gebruikt wordt ten behoeve van één of meerdere derden die niet tot de groep behoort of behoren waartoe de rechtspersoon of vennootschap behoort, en waarvan het gebruik niet tot doel heeft om te voldoen aan enige wettelijke verplichting.

Het verbod op diensten in relatie tot hoog risicolanden is in het voorstel als volgt geformuleerd:

Artikel 23a. Verbod op dienstverlening bij betrokkenheid hoog risicolanden
1. Het is een trustkantoor verboden een zakelijke relatie aan te gaan of een trustdienst te verlenen indien cliënten, doelvennootschappen, uiteindelijk belanghebbenden van cliënten en uiteindelijk belanghebbenden van doelvennootschappen woonachtig of gevestigd zijn of hun zetel hebben in staten die:
a. op grond van artikel 9 van de vierde anti-witwasrichtlijn, in gedelegeerde handelingen van de Europese Commissie, zijn aangewezen als staten met een hoger risico op witwassen of financieren van terrorisme; of
b. door de Raad van de Europese Unie, op grond van artikel 22 van Verordening (EU) 2017/1601, zijn aangewezen als jurisdicties die niet- coöperatief zijn op belastinggebied.

 

Schurkenstaten volgens de EU

De lijsten van schurkenstaten van de EU zijn zoals gebruikelijk moeilijk te vinden. Voor zover ik weet zijn de fiscale schurkenstaten momenteel American Samoa, Cayman Islands, Fiji, Guam, Oman, Palau, Panama, Samoa, Trinidad and Tobago, US Virgin Islands, Vanuatu, Seychelles, aldus dit bericht.

Het laatste witwasschurkenstatenlijstje van de EU dat ik ken staat hier en vermeldt drie categorieën, met in categorie II en III de bekende namen van Iran en Noord-Korea. In categorie I staan een groot aantal ontwikkelingslanden, waarvan ik me niet kan voorstellen dat deze voor trustkantoren relevant zijn. Op de lijst staan volgens de bron Afghanistan, Bosnië en Herzegovina, Guyana, Irak, Laos, Syrië, Uganda, Vanuatu, Jemen, Ethiopië, Sri Lanka, Trinidad en Tobago, Tunesië en Pakistan.

 

Tot slot

Het zal me benieuwen of deze wijziging van de Wtt 2018 meer dan een symbolisch karakter heeft. Het Ministerie van Financiën zou pas echt doorpakken als alle statutair bestuurders van alle rechtspersonen in Nederland onder toezicht van DNB zouden worden gebracht.

 


Aanvulling 19 mei 2020
Dat het voorstel inzake doorstroomvennootschappen pure symboliek is blijkt uit het verslag van DNB over het kalenderjaar 2018. Daarin staat dat “het aantal doorstroomvennootschappen is gedaald van 132 medio 2013 naar 27 eind 2017” (kennelijk omvat dat ook doorstroomvennootschappen die niet van trustkantoren zijn). Het aantal trustkantoren die volgens DNB gebruik maken van doorstroomvennootschappen is in de periode 2013-2017 gedaald van 50 naar 19.

31 maart 2020

Trustkantoren zijn moeilijk voor de Minister | Wwft, Wtt 2018

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

De Minister van Financiën tobt met het fenomeen ‘trustkantoor’, zo blijkt een recent verslag van een algemeen overleg (AO) inzake de financiële sector [1], waarin de Minister het hardnekkig over ‘trusts‘ heeft, terwijl hij toch zou moeten weten dat dit een Angelsaksische rechtsvorm is. De eerder tijdens het AO door leden van de Tweede Kamer gestelde vragen gingen over trustkantoren.

Enkele passages uit het verslag waarin de Minister aan het woord is:

Dan relatief kort over de trusts. De Kamer is het in grote lijnen met mij eens, dus er is weinig reden om vragen te stellen, laat staan om mij te complimenteren. Ik voel het toch maar alsof er relatief brede steun is voor de drie specifieke onderwerpen rond de trusts. Voor die steun wil ik de Kamer danken.
(…)
Voorzitter. Daarmee hebben we het gehad over het tijdpad. Ik wilde nog tegen de heer Nijboer zeggen dat dit allemaal zaken zijn waarvoor hij eerder indirect of direct aandacht heeft gevraagd. Ik dank hem dus voor zijn steun. Ik heb hem eerder ook weleens kritisch gehoord over de sector en over wat er verder kan. Misschien mag ik nog één dilemma schetsen, ook in zijn richting? Het ingewikkelde met deze sector is natuurlijk wel dat als je de sector verbiedt – in de woorden van de heer Nijboer – je niet meteen van al die activiteiten af bent. De puzzel is dus best complex, maar ik ben ook op latere momenten graag beschikbaar om te debatteren over wat er kan. Een van de redenen om de duimschroeven echt verder aan te draaien, is voor mij niet alleen gelegen in de rapportage over de integriteit, maar ook in het witwassen en in de enorme problematiek die dat geeft voor de samenleving. We moeten daar heel eerlijk over zijn: we hebben dat nu allemaal veel scherper in het vizier dan een jaar geleden. Volgens mij heb ik daarmee de trusts gedaan, voorzitter.

 

De onbekendheid met de regelgeving straalt ook af in het antwoord van de Minister op kamervragen [2], dat op 3 maart jl. werd gegeven. Naar aanleiding van een vraag over een rechtspersoon van Isabel dos Santos (Luanda Leaks), die door de vragensteller als ‘brievenbusfirma’ wordt aangeduid, antwoordt de Minister dat die rechtspersoon “geen trustkantoor” is. Kennelijk is hij niet bekend met het verschil tussen een trustkantoor en een doelvennootschap.

Doorstroomvennootschappen
Terug naar het verslag van het AO: er wordt breedvoerig door de Minister gesproken terwijl het eigenlijk alleen over de ‘doorstroomvennootschap‘ onder de Wet toezicht trustkantoren 2018 (Wtt 2018) gaat. Voor zover mij bekend wordt deze dienst niet meer of nauwelijks nog aangeboden door trustkantoren.

Noch bij de Tweede Kamer, noch bij de Minister lijkt het kwartje gevallen te zijn als het gaat om het fenomeen ‘doorstroomvennootschappen’. Zo spreekt lid van de Tweede Kamer Ronnes over “Trustkantoren die enkel als doorstroomvennootschap functioneren, voegen weinig tot niets toe aan onze samenleving“, het is wel duidelijk dat hij niet begrijpt wat een Wtt 2018-doorstroomvennootschap is.

Als het over doorstroomvennootschappen gaat, betreft dit veelal de fiscale doorstroomvennootschap, die binnen concerns wordt toegepast en waarvan misbruik via fiscale regels wordt bestreden. Deze moet goed worden onderscheiden van de Wtt 2018-doorstroomvennootschap.

Tot slot
Trustkantoren worden door het Ministerie van Financiën tegen beter weten in neergezet als ‘beheerders van vermogen’ , terwijl het juister zou zijn de trustkantoren, wiens kerntaak het besturen van rechtspersonen is, aan hun rechtspersonenrechtelijke verplichtingen te houden. Hier schreef ik al eerder over (onder meer 1 en 2).

Geconcludeerd kan worden dat zowel in het parlement als bij de betrokken ministeries juridische kennis inzake trustkantoren ontbreekt. Daar waar zij spreken over ‘kwaliteit‘ bij banken, trustkantoren en accountants, zou het goed zijn als de eigen kwaliteit ook flink omhoog ging, dat kan de kwaliteit van de regelgeving ter bestrijding van misbruik van rechtspersonen ten goede komen en is goed voor de samenleving.

 

[1] Verslag van een algemeen overleg, dossier 32 013 Toekomst financiële sector, vastgesteld 6 maart 2020.
[2] Antwoord op kamervragen inzake het Marginal da Corimba-project in Angola.

3 februari 2020

Trustkantoren onjuist vermeld in de conceptleidraad Wwft van Financiën

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Vandaag heb ik mee gedaan aan de internetconsultatie inzake de conceptleidraad van het Ministerie van Financiën over de gewijzigde Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft).

In mijn reactie ga ik onder meer in op de onjuiste beschrijving van de activiteiten van trustkantoren in de conceptleidraad:

Diensten trustkantoren onjuist beschreven
Ten onrechte wordt de dienstverlening van trustkantoren op pagina 5 van het concept beschreven als “het overmaken van gelden en het beheren van (internationale) concernstructuren”. Zoals het Ministerie zeer goed weet is de kerntaak van trustkantoren het optreden als statutair bestuurder van in Nederland gevestigde rechtspersonen [7], het in verband daar mee verlenen van domicilie en het ten behoeve van de bestuurde rechtspersonen verlenen van boekhoudkundige diensten [8]. De diensten als bestuurder zijn niet riskanter dan de bestuursactiviteiten van andere statutair bestuurders van rechtspersonen. Nu de tekst op pagina 5 juridisch onjuist is, adviseer ik het Ministerie de tekst aan te passen.

[Noten]

[7] Zie definitie ‘trustdiensten’ in artikel 1 Wtt 2018
[8] Het optreden als vennoot van een personenvennootschap – wat ook een Wtt 2018-dienst is – komt voor zover mij bekend niet voor. Ook de doorstroomvennootschap in de zin van de Wtt 2018 kom ik niet tegen.

 

Meer over mijn reactie in het bericht op het algemene blog.

Tags:
17 januari 2020

Wijziging Beleidsregel geschiktheid 2012 | DNB, AFM

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Op 14 januari jl. is het besluit tot wijziging van de Beleidsregel geschiktheid 2012 [*] in de Staatscourant verschenen. In het wijzigingsbesluit is onder meer de beleidsbepaler opgenomen op een bijzondere manier:

Onderdeel 1.1, sub a komt te luiden:

a) beleidsbepaler: een persoon die bij of krachtens de Wet op het financieel toezicht, het Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen, het Besluit prudentiële regels Wft, de Pensioenwet of de Wet verplichte beroepspensioenregeling, de Wet toezicht trustkantoren 2018, de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme, de CSDR of de EMIR moet of kan worden getoetst op geschiktheid.

 

Uit de toelichting blijkt dat onder meer de inwerkingtreding van de Wet toezicht trustkantoren 2018 aanleiding was voor de wijzigingen. Er staat een verwijzing in naar de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft) zodat de beleidsregel ook gaat gelden voor aanbieders van cryptovaluta.

De actuele tekst van het besluit is in voormelde tekst na het wijzigingsbesluit vermeld en kan ook hier [**] worden geraadpleegd.

 

Noten

[*] Besluit van De Nederlandsche Bank N.V. (DNB) en de Stichting Autoriteit Financiële Markten (AFM) van 12 december 2019 tot wijziging van de Beleidsregel geschiktheid 2012.

[**] Was toen ik er bij het afsluiten van deze tekst naar keek nog niet geactualiseerd.

16 januari 2020

Nieuwe wetgevende plannen voor de trustkantoren-sector

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Op 14 januari jl. maakten de ministers van Financiën en van Veiligheid een brief bekend over de voortgang van de maatregelen op het gebied van bestrijding van financieel-economische criminaliteit, in het kort als ‘witwassen’ aangeduid. Zoals bekend heeft de overheid taken op het gebied van opsporing (‘monitoring van transacties‘) van vermoedelijke strafbare feiten (‘ongebruikelijke transacties‘) naar het bedrijfsleven geprivatiseerd. Belangrijke spelers in dat verband zijn onder meer trustkantoren, waar ik in dit artikel op focus.

Bij de brief van de ministers horen een aantal  bijlagen, onder meer een door DNB opgesteld ‘Toezichtbeeld DNB Trustkantoren 2019‘.

Kernrol trustkantoren: optreden als statutair bestuurders
De trustkantoren krijgen in de brief van de ministers en in het door DNB vervaardigde toezichtbeeld flinke vegen uit de pan, waarbij de suggestie wordt gewekt dat het financiële instellingen zijn. Het opmerkelijke daarbij is dat de belangrijkste dienst die trustkantoren verlenen, het optreden als statutair directeur van rechtspersonen is, met name bij besloten vennootschappen en stichtingen naar Nederlands recht. In verband met die bestuursrol verlenen ze domicilie en verrichten ze administratieve werkzaamheden. Trustkantoren verlenen geen financiële diensten en zijn ook geen financiële instellingen.

Voorlopig gaan de ministeries van Financiën en van Veiligheid door met verhullen dat het hier om gewone statutair bestuurders gaat.

Beleidsvoornemens
De ministers schrijven in de brief van 14 januari dat trustkantoren de nieuwe regelgeving nog niet voldoende geïncorporeerd zou hebben. Uit de brief van de ministers blijkt niet wat er dan onvoldoende geïmplementeerd zou zijn en welk verband die zogenaamde onvolkomenheden hebben met de aangekondigde maatregel van het verbieden van de ‘doorstroomvennootschap‘ als bedoeld in de Wtt 2018 (goed te onderscheiden van de fiscale doorstroomvennootschap). Ik hoor nl. zelden van de trustkantoren die ik spreek, dat zij er Wtt-doorstroomvennootschappen op na houden.

Voorts bestaat het voornemen om trustkantoren te verbieden om “diensten verlenen waarbij landen betrokken zijn die a) op de lijst van derde-hoogrisicolanden staan of b) op de lijst van de Europese Commissie van non-coöperatieve derde landen op belastinggebied staan“. Uiteraard wordt dit gevolgd door een bekend poortwachtersmantra:

In die gevallen is sprake van een cumulatie van risico’s die wij onbeheersbaar achten in een sector waarbij de diensten op zichzelf al inherent hoge integriteitrisico’s met zich brengen.

Hoe de ministers er bij komen dat het zijn van statutair bestuurder een inherent hoog integriteitsrisico met zich meebrengt, is mij een raadsel, zeker nu trustkantoren – anders dan andere statutair bestuurders – onder toezicht van DNB staan.

De ministers starten een onderzoek naar illegale trustdienstverlening, iets waarover al vele malen is gesproken, namelijk het splitsen tussen het zijn van statutair bestuurder en het verlenen van domicilie. DNB spreekt er alleen in vage termen over, zodat niet duidelijk is wat er speelt.

Verslag DNB
Opvallend is dat de ministers spreken over door DNB opgelegde formele handhavingsmaatregelen, waarbij de suggestie wordt gewekt dat dit verband houdt met de hiervoor bedoelde beleidsvoornemens. Dat verband kan niet worden gevonden in het document van DNB, nu DNB spreekt over onderzoeken naar 21 trustkantoren en oplegging aan een deel van die trustkantoren van tien handhavingsmaatregelen. Dat geeft dus geen beeld van de sector van de trustkantoren in het algemeen.

Het beeld waar DNB over spreekt heeft betrekking op de bureaucratische eisen die aan trustkantoren worden gesteld, op het gebied van het bewijzen van hun inspanningen (vastlegging in het dossier). Lees bijvoorbeeld:

Belangrijke gemene deler bij de uitkomst van onderzoeken is dat er nog regelmatig tekortkomingen worden aangetroffen in de uitvoering van het verplichte cliëntenonderzoek en de vastlegging ervan in het dienstverleningsdossier (dvd), in een dvd komt het door het trustkantoor uitgevoerde cliëntenonderzoek met betrekking tot een specifieke cliënt tot uiting. Uit een dvd is op te maken of het trustkantoor het cliëntenonderzoek adequaat heeft uitgevoerd. Dit houdt in dat in het dvd de integriteitsrisico’s zijn benoemd, hoe deze worden ondervangen en of de integriteitsrisico’s na mitigerende maatregelen acceptabel zijn voor het trustkantoor, oftewel of die risico’s (na mitigatie) passen binnen de zogenaamde risk appetite van het trustkantoor. DNB ziet dat de vereiste ‘due diligence’ niet altijd aanwezig is waardoor in sommige gevallen integriteitsrisico’s niet in beeld zijn, of lager worden ingeschat dan ze zijn, of de effectiviteit van mitigerende maatregelen hoger wordt ingeschat dan die is. Ook ziet DNB dat het cliëntenonderzoek niet compleet is.

Weg met de trust?
Het is niet verrassend dat lid van de Tweede Kamer Nijboer tijdens de behandeling van de Wwft-voorstellen op 3 december 2019 in de Tweede Kamer zei:

Bij trustkantoren vind ik dat anders. Dan vind ik het heel gek om zo’n trustkantoor dat vertrouwen te geven. Dat weet de minister ook. Ik wil gewoon van die trustkantoren af. Dan moet wel de wetgeving worden aangescherpt, maar het is vragen om ellende om die te laten voortbestaan. 

Het lijkt er op dat dit de kern is van waar de ministeries en DNB mee bezig zijn. Nu trustkantoren huis-tuin-en-keuken activiteiten hebben op het gebied van rechtspersonen (besturen, domicilie verlenen en administreren), is de wens van Nijboer niet reëel.

Machine-denken
Uit de brief van de ministers rijst het bij trustkantoren bekende beeld op van het stellen van onhaalbare eisen, waaraan geen mens kan voldoen.

Het is een voorbeeld van het machine-denken van de overheid waarover ik op mijn algemene blog schreef. Lees over dat onderwerp ook Dehumanisation of the large corporation door Jaap Winter. Juist bestrijding van criminaliteit leidt tot het doorslaan van de overheid, heeft de toeslagenaffaire ons geleerd. Ondernemers hebben daar niet zoveel aan.

Ik ben heel benieuwd of het toezichtregime voor trustkantoren straks voor alle statutair bestuurders in Nederland zal gaan gelden. Als dat gebeurt dan is er werkgelegenheid voor iedere burger tot in de lengte van dagen. Met behulp van IT kan iedereen zich tot het oneindige bezighouden met vastleggen, risico’s analyseren, mitigerende maatregelen nemen, risk appetite bepalen en gesprekken voeren met compliance- en audit-functionarissen en met de toezichthouder.

 

Meer informatie:

Brief van 14 januari 2020, rijksoverheid.nl (pdf)

  • Bijlage – Reactie beleidsmonitor terrorismefinanciering, rijksoverheid.nl (pdf)
  • Bijlage – Bijlage bij Kamerbrief Beleidsmonitor Terrorismefinanciering, rijksoverheid.nl (pdf)
  • Bijlage – Toezichtbeeld DNB Trustkantoren 2019, rijksoverheid.nl (pdf), opgesteld door DNB
  • Bijlage – Advies toegang tot gegevens voor poortwachters in de aanpak van witwassen, rijksoverheid.nl (pdf). Advies Autoriteit Persoonsgegevens.

Lees ook mijn artikel De bureaucratische dwaalweg van het toezicht op trustkantoren.

%d bloggers liken dit: