Archive for ‘Vaktechniek’

29 mei 2012

Kruislingse compliance bij trustkantoren, mededeling DNB van 27 april 2012

door Compliance Platform Trustkantoren

Onderstaande vraag & antwoord verschenen op de DNB site.

Vraag:
Is kruislingse compliance bij Trustkantoren toegestaan?

Antwoord:
Nee.

Binnen een Trustkantoor dient sprake te zijn van een adequate functiescheiding. Wanneer het kantoor in omvang zodanig klein is dat geen onafhankelijke compliancefunctionaris kan worden aangesteld, komt het in de praktijk voor dat één of meer bestuursleden van twee kantoren bij elkander deze functie vervullen. In dergelijke gevallen is er sprake van kruislingse compliance. Hierbij zijn twee vormen te onderscheiden:
Het bestuurslid van een 1-hoofdig trustkantoor voert de compliance functie uit voor een bestuurslid van een ander 1-hoofdig trustkantoor, en vice versa;
Bestuursleden van een 2-hoofdige trustkantoor voeren over en weer de compliance functie uit voor de dossiers waar de andere bestuurder verantwoordelijk voor is.

Bovengenoemde praktijken brengen volgens DNB teveel risico’s voor belangenverstrengeling met zich mee. Hoewel beide bestuursleden (in beide varianten) weliswaar belang hebben bij een goed functionerende compliancefunctie, bestaat het risico dat deze bestuurders het moeilijk vinden compliance issues bij de andere bestuurder aan te kaarten, of stevig op mitigerende maatregelen aan te sturen. Hij/zij is immers voor goedkeuring op hun eigen compliance weer afhankelijk van de andere bestuurder.

Feitelijke onafhankelijkheid wordt dus voor DNB de toetsnorm, aangezien formele onafhankelijkheid op zichzelf onvoldoende garantie biedt voor onafhankelijk functioneren

Het hierboven geformuleerde standpunt zal wettelijk worden verankerd bij het verworden van de Regeling integere bedrijfsvoering (Rib) tot ministerieel besluit (verwacht medio 2012). Vooruitlopend hierop zal in de praktijk bij nieuwe vergunningaanvragen dit standpunt al worden geëffectueerd. Wanneer in de huidige praktijk sprake is van kruislingse compliance dient dit binnen een jaar te worden uitgefaseerd.

7 maart 2012

Mededelingen DNB inzake uitvoering nieuwe regelgeving per 1 juli 2012 inzake geschiktheidseis

door Ellen Timmer

DNB deelt op zijn website over de uitvoering van de nieuwe regelgeving inzake de geschiktheidseis onder meer het volgende mee:

Geschiktheidstoets per 1 juli 2012
Per 1 juli 2012 zal de geschiktheidstoets worden ingevoerd. Dit betekent dat het begrip deskundigheid wordt vervangen door het begrip geschiktheid. Deze wijziging beoogt geen inhoudelijke verandering van de toets, maar is bedoeld om beter uit te kunnen drukken of iemand geschikt is. Als iemand bijvoorbeeld weinig beschikbaar is, dan kan deze persoon wel deskundig zijn, maar niet geschikt om de functie uit te oefenen.
Naast het begrip geschikt, blijft het begrip betrouwbaarheid bestaan. Naast de beleidsbepalers moeten met ingang van 1 juli 2012 tevens medebeleidsbepalers zoals commissarissen getoetst worden op geschiktheid. Zittende medebeleidsbepalers – die nog niet eerder zijn getoetst op geschiktheid – zullen op de herbenoemingsdatum getoetst moeten worden. Uiteindelijk moet de hele populatie van zittende medebeleidsbepalers op 31 december 2015 zijn getoetst op geschiktheid.

Relevante regelgeving
Bij de betrouwbaarheidstoets en de deskundigheidtoets zijn onder meer de volgende beleidsregels van belang:

Deskundigheidstoetsing:
• Beleidsregel Deskundigheid 2011

Betrouwbaarheidstoetsing:
• Wft: Besluit prudentiële regels Wft – Bijlage A
• Pw en Wvb: Bijlage behorend bij artikel 32 van het Besluit uitvoering Pensioenwet en Wet verplichte beroepspensioenregeling
• Wtt en Wgt: Bijlage A1 van de Beleidsregel Betrouwbaarheidstoetsing

7 maart 2012

Uitleg van het begrip ‘consultancydiensten’ door DNB

door Compliance Platform Trustkantoren

DNB heeft aangekondigd dat zij extra interesse hebben voor doelvennootschappen die consultancydiensten verlenen, zie het eerdere bericht op deze site. In een mededeling van Robbert-Jan Lugard op Trustbase staat dat DNB in samenspraak met de brancheverenigingen VIMS en DFA de volgende definitie heeft geformuleerd:

Doelvennootschappen waar sprake is van betalingen voor verleende diensten in het kader van een specifieke kennis of vaardigheid van de doelvennootschap, hetzij aan natuurlijke personen hetzij aan een entiteit, waarbij door de doelvennootschap gebruik gemaakt wordt van de diensten van een specialist die de diensten namens de doelvennootschap uitvoert, gezien de specifieke kennis of vaardigheden die benodigd zij om de betreffende dienst uit te voeren”.

7 maart 2012

Nieuwsbrief FIU-Nederland januari 2012

door Compliance Platform Trustkantoren

FIU-Nederland heeft een nieuwsbrief voor alle Wwft-plichtigen uitgebracht. In deze nieuwsbrief geeft FIU-Nederland aanwijzingen voor het correct melden van een ongebruikelijke transactie. De inhoudsopgave van de nieuwsbrief luidt:

  • Uniek transactienummer
  • Toelichting vereist bij subjectieve indicator: FIU-Nederland legt uit welke toelichting zij verwachten
  • Gemengde kantoren: over meldingen door kantoren met verschillende soorten Wwft-plichtigen
  • Kwaliteit van de melding
  • Nieuwe versie Meldprogramma
  • Veelgestelde vragen
  • Tot slot
17 februari 2012

Financial Action Task Force (FATF) heeft akkoord bereikt over grote wijzigingen in de internationale standaard voor de bestrijding van witwassen en terrorismefinanciering

door Ellen Timmer

Een bericht op rijksoverheid.nl meldt dat de Financial Action Task Force (FATF) akkoord heeft bereikt over grote wijzigingen in de internationale standaard voor de bestrijding van witwassen en terrorismefinanciering. Bericht op rijksoverheid.n:

Nieuwe internationale standaard voor bestrijding van witwassen en terrorismefinanciering

Nieuwsbericht | 16-02-2012

De Financial Action Task Force (FATF) heeft vandaag in Parijs een akkoord bereikt over grote wijzigingen in de internationale standaard voor de bestrijding van witwassen en terrorismefinanciering. Doel is een effectievere bestrijding van misbruik van de financiële sector en in te springen op nieuwe ontwikkelingen.

Een paar belangrijke veranderingen zijn:

  • meer internationale samenwerking ter bestrijding van misbruik van de internationale financiële sector;
  • belastingmisdrijven moet overal ter wereld als gronddelict voor witwassen worden erkend;
  • nieuwe standaarden tegen de financiering van massavernietigingswapens;
  • strengere eisen voor politiek prominent personen in de strijd tegen corruptie;
  • strengere eisen voor transparantie bij rechtspersonen en bij vormen van grensoverschrijdend betalingsverkeer;
  • meer eisen aan financieel onderzoek en de handhavingmogelijkheden van opsporingsdiensten.

De aanpassingen in de FATF-aanbevelingen gelden vanaf vandaag. In de komende periode wordt de nieuwe standaard geïmplementeerd in Europese en Nederlandse wet- en regelgeving (o.a. Europese antiwitwas-richtlijn en de Nederlandse Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (WWFT)).

De FATF is een intergouvernementele organisatie die zich bezighoudt met het tegengaan van witwassen van crimineel geld en de financiering van terrorisme. Momenteel zijn er 34 landen, waaronder Nederland, lid van het FATF en zijn er door middel van regionale organisaties wereldwijd in totaal meer dan 180 landen bij het FATF aangesloten. Het ministerie van Financiën heeft mede namens het ministerie van Justitie zitting in de FATF. De FATF-standaard bestaat uit bindende voorschriften ter bescherming van de financiële sector tegen misbruik door criminelen.

Welke inhoudelijke consequenties dit voor de Nederlandse regelgeving heeft, meldt het bericht niet. Meer informatie is te vinden op de site van de FATF.

Zie over de nieuwe FATF afspraken ook de website van DNB.

Tags: , ,
8 februari 2012

De wet inzake de geschiktheidseis in het financiële recht treedt op 1 juli 2012 in werking

door Compliance Platform Trustkantoren

De wet inzake de geschiktheidseis in het financiële recht (*), relevant voor onder meer trustkantoren, is in het Staatsblad verschenen. Blijkens het besluit tot inwerkingtreding wordt de wet op 1 juli 2012 van kracht. Zie over het wetsvoorstel een eerder bericht op deze site.

(*) Wet van 22 december 2011 tot wijziging van de Wet op het financieel toezicht, de Wet financiële markten BES en de Wet toezicht trustkantoren in verband met de introductie van de geschiktheidseis en de versterking van de samenwerking tussen de toezichthouders in het kader van de geschiktheidstoets en de betrouwbaarheidstoets

3 februari 2012

Toezicht DNB op trustkantoren: speciale aandacht voor doelvennootschappen die consultancydiensten verlenen en voor naleving sanctieregelgeving

door Ellen Timmer

De Nederlandsche Bank heeft vandaag de brochure ‘Thema’s DNB Toezicht 2012’  uitgebracht. In die brochure is ook aandacht voor trustkantoren, zoals door R.J. Lugard wordt gesignaleerd in een bericht op de LinkedIn groep van Trustbase. DNB gaat zich tijdens het onderzoek in 2012 richten op doelvennootschappen die consultancydiensten verlenen.

Op pagina 17 van de brochure schrijft DNB dat de Financial Action Task Force in haar evaluatierapport over Nederland heeft aangegeven dat er bij bepaalde sectoren zoals verzekeraars, betaalinstellingen en trustkantoren meer aandacht dient te worden besteed aan met name toezicht op de sanctieregelgeving. Dit zal een speerpunt zijn van het integriteitstoezicht van DNB in 2012.

17 januari 2012

Artikel Van Gelder: “Geschiktheidseis bestuurders en commissarissen: recente ontwikkelingen in Nederland en Europa”

door Compliance Platform Trustkantoren

Ook trustkantoren zullen met de geschiktheidseis te maken krijgen, zie het eerdere bericht. Over die eis heeft AFM-medewerkster Annick van Gelder voor het Jaarboek Compliance 2012 een artikel geschreven, dat via de AFM-website kan worden gedownload. Op deze pagina kondigt de AFM het artikel aan. Dit is een link naar het artikel zelf (pdf).

4 januari 2012

Wijzigingen in de Wet toezicht trustkantoren treden op 1 juli 2012 in werking

door Compliance Platform Trustkantoren

Onlangs zijn wijzigingen op de Wet toezicht trustkantoren in het Staatsblad verschenen, zie het eerdere bericht op dit weblog. Inmiddels is bekend geworden dat de wijzigingen op 1 juli 2012 in werking treden. Zie hierover het artikel van Aike van der Staay op Trustbase.nu en het besluit tot inwerkingtreding op dit adres.

28 december 2011

Geschiktheidseis geïntroduceerd in de Wet toezicht trustkantoren

door Compliance Platform Trustkantoren

Onlangs is een wetsvoorstel (*) door de Tweede Kamer aangenomen, waarin de Wet toezicht trustkantoren wordt gewijzigd op het punt van geschiktheidstoets en de betrouwbaarheidstoets. De wijziging is blijkens het wetsvoorstel zoals aan de Eerste Kamer is voorgelegd als volgt:

In de artikelen 4, onderdeel b, en 11, tweede lid, van de Wet toezicht trustkantoren wordt telkens «de deskundigheid» vervangen door: de geschiktheid.

De memorie van antwoord zegt het volgende over het begrip “geschiktheid”:

Er is gekozen om de term geschikt te hanteren in plaats van de term deskundig omdat de term geschikt beter aangeeft dat er bij de beoordeling van bestuurders en commissarissen breder getoetst wordt dan alleen op kennis en ervaring. In de toelichting bij het wetsvoorstel is opgenomen dat bijvoorbeeld ook op vaardigheden en professioneel gedrag wordt getoetst. Een bestuurder of commissaris die zich niet professioneel gedraagt kan bijvoorbeeld in de nieuwe situatie aangemerkt worden als «niet geschikt» in plaats van «niet deskundig». Ook benadrukt de term geschiktheid beter dat niet alleen naar individuele deskundigheid wordt gekeken maar naar de vraag of de betrokkene geschikt is om zitting te nemen in het bestuurs- of toezichthoudend orgaan, rekening houdend met de samenstelling van dit orgaan. De nieuwe geschiktheidseis is, net als de huidige deskundigheidseis, een open norm waarbij geen nadere wettelijke eisen zijn gesteld. Wel is deze norm door de toezichthouders nader geduid door de Beleidsregel Deskundigheid 2011. De begripsverandering bevestigt en benadrukt de reeds ingezette weg en zal beperkte gevolgen hebben voor deze beleidsregel. Vandaar dat niet is gewacht op een evaluatie van de beleidsregel.

Het overgangsrecht is als volgt omschreven:

Indien een persoon als bedoeld in de artikelen 4, onderdeel b, en 11, tweede lid, van de Wet toezicht trustkantoren voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van deze wet deskundig is, wordt die persoon vanaf dat tijdstip geacht te beschikken over de daartoe ingevolge de Wet toezicht trustkantoren vereiste geschiktheid, zolang niet een wijziging in de relevante feiten of omstandigheden een redelijke aanleiding geeft tot een beoordeling of herbeoordeling van die geschiktheid.

Zie over de achtergrond van deze regelgeving ook de brief van de minister van financiën van 20 oktober 2011:

Het wetsvoorstel ter verbetering van de geschiktheid- en betrouwbaarheidstoets heb ik eind mei 2011, als onderdeel van een pakket aan wetsvoorstellen op het terrein van de financiële markten, bij de Tweede Kamer ingediend (kamerstukken 2010/11, 32 786, nr.2).

Op 24 oktober 2011 zal hierover een wetgevingsoverleg plaatsvinden. Met de adviezen van DNB en AFM is uiteraard rekening gehouden bij het opstellen van het wetsvoorstel. Dit staat ook zo verwoord in de memorie van toelichting bij het wetsvoorstel. Niet alle punten van de toezichthouders zijn overgenomen. Hierop zal ik aan de hand van de wetgevingswensen van de AFM kort ingaan.

De AFM geeft in haar wetgevingsbrief de voorkeur aan een ‘paraplu’-bepaling waarin zowel het element van deskundigheid als betrouwbaarheid is vervat. Omdat deskundigheid en betrouwbaarheid van een geheel andere aard zijn, en daardoor een andere uitwerking behoeven, heb ik daarvoor niet gekozen. Een belangrijk verschil is bijvoorbeeld dat betrouwbaarheid een ondeelbaar begrip is waadoor niet relevant is waar een bestuurder of commissaris binnen de financiële sector werkzaam is. Deskundigheid, en de nieuwe term geschiktheid, zijn daarentegen afgestemd op het soort branche en onderneming waarbij ook de samenstelling van het gehele bestuurs- of toezichthoudend orgaan een belangrijke rol speelt. De situatie dat iemand zowel kan worden aangemerkt als geschikt (wat betreft kennis, ervaring, vaardigheden en professioneel gedrag) en tevens als onbetrouwbaar (vanwege een antecedent), zal niet lang voortbestaan. Een onbetrouwbare bestuurder of commissaris zal immers zijn functie niet mogen aanvaarden of, indien het om een nieuw antecedent gaat, zijn functie moeten neerleggen.

Tot slot wordt door de AFM gesproken van een dubbele toetsing, terwijl de strekking van het wetsvoorstel een toets door de vergunningverlenende toezichthouder inhoudt met daarnaast een marginale toetsing door de niet-vergunningverlenende toezichthouder. Omdat reeds in de huidige situatie bestaande praktijk is dat de toezichthouders met elkaar meekijken bij de toetsen, zullen de meerkosten mijns inziens beperkt blijven. Nieuw is dus niet de manier van toetsen maar vooral het feit dat de niet-vergunningverlenende toezichthouder in dit proces een doorslaggevende stem krijgt indien zij, in tegenstelling tot de vergunningverlenende toezichthouder, een persoon ongeschikt of onbetrouwbaar acht.

(*) 32 786 Wijziging van de Wet op het financieel toezicht, de Wet financiële markten BES en de Wet toezicht trustkantoren in verband met de introductie van de geschiktheidseis en de versterking van de samenwerking tussen de toezichthouders in het kader van de geschiktheidstoets en de betrouwbaarheidstoets