Posts tagged ‘sanctieregelgeving’

4 maart 2015

Thema’s DNB toezicht 2015 | integriteit en transparantie van de financiële sector

door Ellen Timmer

Op 20 februari jl. heeft DNB de Thema’s DNB toezicht 2015 bekend gemaakt. In het document komen ook de trustkantoren aan bod. Op pagina’s 18 tot en met 23, over integriteit en transparantie van de financiële sector, worden trustkantoren genoemd, naast andere financiële ondernemingen.

Integriteitsrisicoanalyse

Opvallend is dat DNB zegt dat de interne bewustwording over integriteitsrisico’s bij alle financiële instellingen onder DNB-toezicht op dit moment nog laag zou zijn en dat financiële instellingen onvoldoende aandacht zouden besteden aan de systematische analyse van inherente integriteitsrisico’s. DNB maakt er melding van dat er een themaonderzoek is uitgevoerd naar integriteitsrisicoanalyses. Op basis van de ervaringen is DNB voornemens om in 2015 guidance te ontwikkelen inzake een effectieve integriteitsrisicoanalyse.

Terrorismefinanciering

Één van de schimmigste onderwerpen uit het financiële toezicht is terrorismefinanciering, dat in paragraaf 4.2 aan bod komt. Uit de vermelding dat DNB met experts overlegt over de verschillende manieren waarop terrorismefinanciering plaatsvindt kan worden afgeleid dat op dit moment onbekend is hoe dat gebeurt. Nu terrorismefinanciering een fenomeen is, waarover weinig tot niets bekend lijkt te zijn, is bijzonder dat DNB kennelijk wel in staat is om een onderzoek naar de blootstelling aan terrorismefinanciering te doen (slot pagina 19, begin pagina 20).

Amerikaanse sanctieregels

Interessant is dat DNB zich blijkens paragraaf 4.3 van het document niet alleen bezig houdt met toezicht op naleving van Nederlandse en Europese sanctieregels, maar dat DNB zich ook bevoegd acht om toezicht te houden op naleving van extraterritoriaal werkende Amerikaanse sanctieregels. (Dit terwijl Europa een sanctie tegen de Verenigde Staten heeft ingesteld wegens de extraterritoriale werking van de Amerikaanse regels.) Dat is heel bijzonder; mogelijk kunnen we dit met de vertegenwoordiger van DNB bespreken tijdens de cursus van 9 april a.s.

Fiscaal gedreven transacties en structuren

Naast de gebruikelijke aandacht voor witwasbestrijding en terrorismefinanciering, stipt DNB op pagina 22 aan dat DNB in 2015 zal gaan analyseren of banken en trustkantoren zich voldoende bewust zijn van de internationale normen en de risico’s van fiscaal gedreven transacties en structuren. Bij dat onderzoek wordt met AFM en belastingdienst samengewerkt.

Transparantie DNB

Verheugend is dat DNB dit keer niet alleen spreekt over transparantie van financiële ondernemingen, maar ook over de eigen transparantie, zie paragraaf 4.9.

Meer informatie

 —

Aanvulling 23 maart 2015

DNB kondigt de toezichtthema’s aan in de nieuwsbrief voor trustkantoren van 23 maart 2015. DNB schrijft:

Toezichtthema’s 2015

Nieuwsbericht 23 maart 2015

De trustsector speelt als poortwachter een essentiële rol bij het bewaken van de integriteit van de Nederlandse financiële sector. DNB voert in 2015 veel onderzoeken uit om een bijdrage te leveren aan de integriteit van de sector.

Integriteitsrisicoanalyse
In 2015 maakt DNB een beoordeling van de integriteitsrisicoanalyses die trustkantoren moeten maken. Trustkantoren moeten proactief beoordelen aan welke risico’s op witwassen, financieren van terrorisme en belangenverstrengeling zij blootgesteld zijn en dit gestructureerd vastleggen in een integriteitsrisicoanalyse. Aan de hand van die beoordeling ontwikkelt en publiceert DNB best practices.

Terrorismefinanciering
Met dit themaonderzoek onderzoekt DNB of trustkantoren voldoen aan de wettelijke vereisten en zich bewust zijn van de risico’s van verschillende financiële transacties. Het is van belang dat Nederlandse financiële instellingen niet direct en ook niet indirect betrokken zijn bij de financiering van terrorisme. DNB verwacht dat financiële instellingen zelf actief onderzoek doen naar mogelijke misstanden en tijdig adequate herstelmaatregelen nemen.

Naleving Sanctiewet
De doelstelling van het project is om vast te stellen of de sanctieregelgeving juist wordt nageleefd. De recente ontwikkelingen ten aanzien van het conflict in de Oekraïne hebben geleid tot enkele specifieke sanctiemaatregelen, zoals recent door de Europese Unie (EU) richting Rusland. Een juiste toepassing van deze maatregelen door financiële instellingen is sterk bepalend voor de effectiviteit daarvan.

AML/CFT Hoogrisicoactiviteiten
Hoogrisicoactiviteiten zijn financiële diensten en producten die extra gevoelig zijn voor witwassen en onderliggende financiële criminele activiteiten. DNB onderzoekt of trustkantoren ten aanzien van deze activiteiten de risico’s op witwassen en financieren van terrorisme voldoende inzichtelijk hebben en mitigeren.

Fiscaliteit
DNB voert in 2015 een analyse uit naar de trustsector om te beoordelen of trustkantoren zich voldoende bewust zijn van de internationale normen en de risico’s van fiscaal gedreven transacties en structuren. DNB zoekt hierbij de samenwerking met de Belastingdienst en de AFM.

Meer informatie
In de brochure Thema’s DNB toezicht 2015 zijn alle thema’s inhoudelijk toegelicht. Een uitgebreide planning van de te onderzoeken thema’s vindt u op Open Boek Toezicht.

27 januari 2015

3 maart 2015 – cursus sanctieregelgeving voor trustkantoren

door Compliance Platform Trustkantoren

Het Compliance Platform Trustkantoren organiseert in samenwerking met Pellicaan Advocaten een cursus Sanctiewet 1977, specifiek gericht op leidinggevenden en compliance medewerkers van trustkantoren. In twee middagen worden deelnemers op de hoogte gebracht van de Sanctiewet 1977, de Europese sanctieregels en de relatie met de Wwft (FATF).

De cursus bestaat uit twee middagen, de eerste op 3 maart 2015 en de tweede op een nader te bepalen datum in juni / juli a.s.:
• Tijdens de 1e cursus zal Ellen Timmer (Pellicaan Advocaten) de Europese sanctieregelgeving bespreken en ingaan op een aantal belangrijke thema’s, zoals de recent ingevoerde Oost-Europa sancties, dual-use goederen, sancties in de financieel-economische sfeer en het overgangsrecht dat van toepassing is op bestaande situaties vóór de invoering van de sancties.
• Tijdens de 2e cursus is er naast Ellen Timmer een tweede docent afkomstig van DNB. De DNB-medewerker zal een nadere toelichting geven aan de hand van praktijkvoorbeelden, over de wijze waarop DNB toezicht houdt op de naleving van de sanctieregels.

Voorafgaand aan de cursussen kunnen deelnemers praktijkvragen insturen, die vervolgens tijdens de cursussen op anonieme basis behandeld zullen worden. Aan de hand van die vooraf ingestuurde vragen zal worden geprobeerd om de cursussen zoveel mogelijk aan de specifieke behoefte van trustkantoren aan te passen. Uiteraard kunnen ook tijdens de cursussen vragen worden gesteld.

Aan de deelnemers van de 1e cursus zal een reader met inleidende informatie ter beschikking worden gesteld.

Praktische informatie cursus 3 maart 2015
Tijdstippen: dinsdag 3 maart 2015, ontvangst vanaf 13:30 uur, cursus van 14:00 tot 17:30 uur, met een half uur pauze
Docent: Ellen Timmer (algemeen weblog, LinkedIn profiel)
Locatie: kantoor Amsterdam van Pellicaan Advocaten, Delflandlaan 1, 1062 EA Amsterdam, ligging op Google Maps
Cursusprijs: EUR 275 exclusief btw voor de 1e cursus
Aantal deelnemers: ten minste 15, maximaal 35 personen

Aanmelding
Aanmelding kan plaats vinden per e-mail uiterlijk tot 27 februari a.s. bij: Astrid Falke, Astrid.Falke@pellicaan.nl,
graag met opgave van de volgende gegevens:
[1] Naam/namen van de persoon/personen die deelneemt/deelnemen met e-mail adres(sen).
[2] Naam en adres van de organisatie waaraan de deelnemer(s) is/zijn verbonden, met informatie over degene aan wie de factuur kan worden gericht, die na aanmelding zal worden verzonden.
[3] De HQ Commissie Opleiding & Permanente Educatie heeft besloten aan de cursus twee HQ PE-punten toe te kennen.

Overige informatie
Voor het geval er voor de 1e cursus te grote belangstelling is, hebben we 5 maart 2015 nog als reservedatum beschikbaar om de cursus eventueel nogmaals te geven.
Deelnemers (of bij verhindering een medewerker van hetzelfde trustkantoor) die aan de 1e cursus hebben deelgenomen, krijgen bij deelneming aan de 2e cursus in juni / juli een korting van EUR 25 op het cursusbedrag.

Opleidingspunten
Degenen die dergelijke opleidingspunten van Holland Quaestor willen verkrijgen dienen aan onderstaande verplichtingen te voldoen:
1. er dient getekend te worden door iedere individuele deelnemer bij aanvang (aanvangstijd vermelden op de presentielijst);
2. er dient getekend te worden door iedere individuele deelnemer bij einde (eindtijd vermelden op de presentielijst);
3. mocht een deelnemer substantieel later arriveren of substantieel eerder vertrekken dan de aangegeven tijden, dan dient deze specifieke tijd genoteerd te worden op de presentielijst(en); dit kan resulteren in HQ PE puntvermindering voor deze deelnemer.

Wij zorgen voor het volgende:
4. de docent tekent de presentielijst(en) voor akkoord; en
5. u wordt in de gelegenheid gesteld deel te nemen aan evaluatie van de sessie.

15 december 2014

Nieuwsbrief DNB voor trustkantoren

door Ellen Timmer

Vandaag heeft DNB de periodieke nieuwsbrief voor trustkantoren uitgebracht. Daarin is het bericht opgenomen over het Sanctiewet onderzoek, dat al eerder in de nieuwsbrief voor verzekeraars stond. De overige onderwerpen zijn:

  • Hoog-risicoklanten onvoldoende bekend. Volgens het artikel betreft dit onder meer buitenlandse (operationele) branches van doelvennootschappen
  • Forse stijging meldingen van ongebruikelijke transacties. Over de meldingsplicht op grond van de Wwft
  • Bestuurders, ken uw wet! Van bestuurders van trustkantoren wordt juridische kennis verwacht
  • Guidance nieuwe Regeling Integere Bedrijfsvoering gepubliceerd
  • DNB onderzoekt buitenlandse branches trustkantoren. Achter deze titel gaat een bericht schuil over buitenlandse activiteiten van doelvennootschappen
  • FATF-waarschuwingslijsten. Over de wijzigingen op de lijsten

Meer informatie

9 december 2014

DNB start onderzoek naar Sanctiewet

door Ellen Timmer

In de laatste nieuwsbrief verzekeren van 9 december 2014 laat DNB weten dat het onderzoek instelt naar de wijze waarop onder meer trustkantoren uitvoering geven aan de Sanctiewet. Dat maakt het onderwerp van de bijeenkomst van het Compliance Platform van morgen heel actueel. DNB schrijft:

DNB onderzoekt hoe financiële instellingen en trustkantoren de sanctiemaatregelen toepassen.

Sancties
In 2014 zijn uitgebreide sanctiemaatregelen opgelegd omtrent Rusland en Oekraïne. Dit versterkt de noodzaak dat onder meer financiële instellingen en trustkantoren goed op de hoogte zijn van de interpretatie en toepassing van deze sanctiemaatregelen. Dat is een noodzakelijke voorwaarde voor een effectief sanctieregime. De sanctiemaatregelen betreffen onder meer:
* een gebod tot het bevriezen van tegoeden van personen/entiteiten die op een sanctielijst voorkomen;
* geld- en kapitaalmarktrestricties voor bepaalde personen/entiteiten;
* een verbod op (faciliteren van) in- en uitvoer van bepaalde goederen (meestal militaire en/of ‘dual use’ goederen).

Onderzoek
DNB krijgt veel vragen uit de sector over het verbod of de restricties op de verlening van financiële diensten. Daarom kijkt DNB in het onderzoek vooral naar de wijze waarop de instellingen hier invulling aan geven. Door middel van het onderzoek wil DNB vaststellen of instellingen de naleving van concrete sanctiemaatregelen invullen en of dat adequaat gebeurt. Waar sprake is van tekortkomingen zal DNB maatregelen overwegen. Anderzijds biedt het onderzoek inzicht in waar aanvullende guidance nodig kan zijn. Voor dit onderzoek stuurt DNB vragenlijsten naar een groep instellingen. Begin 2015 gaat de toezichthouder ook on-site onderzoek doen bij een selectie van de instellingen.

Sancties
Sancties zijn politieke instrumenten in het buitenland- en veiligheidsbeleid van de Verenigde Naties, de Europese Unie en ook van Nederland. Het zijn dwingende instrumenten die worden ingezet als reactie op schendingen van het internationaal recht of de mensenrechten. Of om verandering te brengen in het beleid wanneer wettelijke of democratische beginselen niet worden nageleefd. Sancties vormen ook een belangrijk wapen in de strijd tegen terrorisme. Door de tegoeden van terroristen te bevriezen, wordt het weliswaar niet onmogelijk om terroristische aanslagen voor te bereiden. Maar wel moeilijker.

Meer informatie

25 november 2014

Bijeenkomst Compliance Platform Trustkantoren, woensdagmiddag 10 december a.s.

door Compliance Platform Trustkantoren

Op woensdag 10 december 2014 zal er weer een bijeenkomst van het Compliance Platform zijn. Bijeenkomsten van het Compliance Platform Trustkantoren kunnen worden bijgewoond door een ieder die zich met compliance in de trustsector bezighoudt. Er is gelegenheid van gedachten te wisselen over een actueel onderwerp naar aanleiding van een inleiding door een spreker.

Ellen Timmer, advocaat bij Pellicaan Advocaten zal ons het een en ander vertellen over het Sanctierecht. Tevens zal de Q en A van DNB door een andere spreker nader worden toegelicht. Er zal voldoende gelegenheid zijn om vragen te stellen en tijdens de borrel, na afloop, kan er genetwerkt worden.

Het Amsterdamse kantoor van Pellicaan Advocaten is zo vriendelijk om ons 10 december a.s. gastvrijheid te verlenen.

Ontvangst: 16.00 uur
Aanvang presentatie: 16.30 uur
Locatie: Pellicaan Advocaten, Queens Towers, Wilhelminatoren Delflandlaan 1, 1062 EA Amsterdam

Dan nog iets anders:
Ellen Timmer heeft een website gemaakt voor het Compliance Platform: https://complianceplatformtrustkantoren.wordpress.com/. Ik zou jullie willen aanraden hierop een e-mail abonnement te nemen. Via deze weg kunnen jullie dan in de toekomst een vooraankondiging krijgen van de bijeenkomsten van het compliance platform alsmede eventuele andere berichten.

Ik hoop jullie allen de 10e te zien!

Hartelijke groet,
Marianne van Rappard

Aanvulling 11 december 2014

De pdf-versie van de presentatie van Ellen over de Sanctiewet is hier te vinden.

15 september 2014

Europese sanctieregels gaan ook gelden in Aruba, Curaçao en Sint Maarten

door Ellen Timmer

Begin september is het voorstel voor de Rijkssanctiewet ingediend bij de Tweede Kamer. Doel van de Rijkssanctiewet is blijkens de memorie van toelichting om er voor te zorgen dat de Europese sanctieregels ook worden toegepast door de landen in het Caribisch deel van het Koninkrijk. Zie de onderstaande toelichting:

Voor Europese sancties – hetzij sancties die uitsluitend door de Europese Unie zijn vastgesteld, hetzij sancties die door de EU als aanvullende autonome maatregelen in aanvulling op een VN-sanctie worden geplaatst, rust een dergelijke verplichting uitsluitend op het land Nederland.

Dat Nederland wel uitvoering geeft aan Europese sancties en de landen in het Caribisch deel van het Koninkrijk niet, doet afbreuk aan de eenheid van het buitenlands beleid van het Koninkrijk. Deze discrepantie springt nog sterker in het oog door de omstandigheid dat de Sanctiewet 1977 bij gelegenheid van de herziening van de Koninkrijksverhoudingen op 10 oktober 2010 van toepassing is verklaard op Bonaire, Sint Eustatius en Saba.

De strekking van het voorstel wordt als volgt omschreven:

De onderhavige rijkswet strekt ertoe de eenheid van het buitenlands beleid van het Koninkrijk te waarborgen, in die zin dat besluiten, vastgesteld in het kader van het Gemeenschappelijk Buitenlands en Veiligheidsbeleid van de Europese Unie, houdende beperkende maatregelen met het oog op de handhaving of het herstel van de internationale vrede en veiligheid of de bevordering van de internationale rechtsorde dan wel de bestrijding van terrorisme die voor het land Nederland een bindend karakter hebben, ook in de landen Aruba, Curaçao en Sint Maarten zullen worden uitgevoerd. Artikel 3, eerste lid, onder b, van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden bepaalt dat de buitenlandse betrekkingen een aangelegenheid van het Koninkrijk zijn. Gelet op oogmerk en inhoud van de onderhavige rijkswet steunt deze op deze statutaire grondslag. De aard en de effectiviteit van het buitenlands beleid op het gebied van bestrijding van internationale georganiseerde misdaad en terrorisme, en in het bijzonder de in artikel 1 van het voorstel bedoelde sanctiemaatregelen, brengen met zich dat eenvormige toepassing in het gehele Koninkrijk noodzakelijk is. De snelheid van wijziging van vestiging van (rechts)personen en verplaatsing van middelen is zo hoog, dat het niet van toepassing zijn van de sanctiemaatregelen in alle landen van het Koninkrijk de werking daarvan zou kunnen ondermijnen.

Het komt er op neer dat Aruba, Curaçao en Sint Maarten na inwerkingtreding gebonden zijn aan Europese sanctieregimes.

Meer informatie

5 augustus 2014

DNB: “De Sanctiewet: de financiële sector als poortwachter”

door Ellen Timmer

DNB heeft vandaag een bericht over de Sanctiewet gepubliceerd:

De Sanctiewet: de financiële sector als poortwachter

De oplopende politieke spanningen rond het conflict in Oekraïne en de vliegramp met vlucht MH17 hebben ertoe geleid dat de Europese Unie en de Verenigde Staten sancties hebben afgekondigd tegen personen en entiteiten die betrokken zijn bij dit conflict. De financiële sector heeft een belangrijke functie als poortwachter bij de uitvoering van die sancties. Dit DNBulletin schetst de achtergronden bij de sancties en de rol van de Nederlandse financiële sector bij de uitvoering daarvan.
De afgelopen weken heeft de Europese Unie sancties afgekondigd tegen ruim honderd personen en entiteiten die betrokken zijn bij het conflict. Daarnaast zijn er restricties opgelegd aan financiële transacties met Russische staatsbanken en gelden er voor enkele sectoren handelsbeperkingen. De afgelopen jaren zijn er overigens vaker sancties opgelegd tegen personen, entiteiten en landen wereldwijd. Deze sancties kregen niet altijd veel aandacht: naast sancties tegen terroristen en hun organisaties, ging het in eerdere gevallen bijvoorbeeld om sancties die de handel in bepaalde goederen tegengaan of sancties die waren gericht op personen uit conflictgebieden op het Afrikaanse continent, of tegen dictatoriale regimes.

Sanctiemaatregelen
Sancties zijn politieke instrumenten in het buitenland- en veiligheidsbeleid van de Europese Unie. Het zijn dwingende instrumenten die worden ingezet als reactie op schendingen van het internationaal recht of de mensenrechten of om verandering te brengen in beleid wanneer wettelijke of democratische beginselen niet worden nageleefd.

Sancties vormen ook een belangrijk wapen in de strijd tegen terrorisme. Door de tegoeden van terroristen te bevriezen wordt het weliswaar niet onmogelijk om terroristische aanslagen voor te bereiden en uit te voeren, het wordt wel moeilijker.
De meest voorkomende sancties zijn wapenembargo’s en handelsrestricties, reis- en visumrestricties en financiële sancties. Er zijn grofweg twee soorten financiële sancties te onderscheiden: een gebod tot het bevriezen van tegoeden en ander financieel bezit, en een verbod op het verlenen van financiële diensten. Het gaat dan om betalingsverkeer, handelsfinanciering, (transport)verzekeringen, maar ook de directievoering over doelvennootschappen door trustkantoren.

Hoe controleren financiële instellingen de naleving?
Sancties moeten door iedereen worden nageleefd en dus ook door financiële instellingen. Het niet naleven van sancties is een economisch delict. Financiële instellingen fungeren als poortwachter om ongewenste elementen in ons financiële stelsel waar nodig te identificeren, te weren en ongewenste transacties tegen te gaan. Op basis van integriteits-, anti-terrorisme- en anti-witwas-wetgeving wordt van financiële instellingen verwacht dat zij hun klant kennen.
Als een nieuwe of gewijzigde sanctieregeling wordt uitgevaardigd, moeten financiële instellingen nagaan of zij de in de sanctieregeling opgenomen personen, bedrijven of entiteiten als relatie hebben. Daarnaast moeten ze nagaan of ze met hun dienstverlening in potentie ongeoorloofde transacties mede uitvoeren of faciliteren. Aan dat soort transacties mag geen medewerking meer worden verleend. Als daarvan sprake is moet een financiële onderneming direct actie ondernemen. Wat een financiële onderneming precies moet doen hangt af van de aard van de dienstverlening door de financiële instelling en de bepalingen in de sanctieregeling. Hierbij kan gedacht worden aan het verplicht bevriezen van een tegoed op een bankrekening, het blokkeren van een verzekerings- of pensioenpolis of het beëindigen van een handelskrediet. De financiële instelling moet DNB onmiddellijk informeren over bijvoorbeeld een bevriezing.
Financiële instellingen kunnen zich niet beperken tot een check op de gepubliceerde namen op de sanctielijst, maar moeten er alles aan doen om te doorgronden wie de uiteindelijke zeggenschap heeft bij een klant. Deze zogenoemde UBO (‘ultimate beneficial owner’) kan zich bijvoorbeeld verschuilen achter ondernemingen, stichtingen of personen. Het is dus zaak dat financiële instellingen te allen tijde weten wie hun daadwerkelijke klant is. Dit is ook verplicht gesteld in wetgeving. Daarnaast zullen financiële instellingen de financiële relaties van hun klant in hun onderzoek moeten betrekken en moeten nagaan of die wellicht voorkomen op een sanctielijst. Dit alles om te voorkomen dat een financiële instelling op welke manier dan ook meewerkt aan verboden transacties.

Toezicht op de naleving van de Sanctiewet
DNB en AFM houden in de financiële sector toezicht op de naleving van de sancties. Zij kijken naar de effectiviteit van procedures en maatregelen van financiële instellingen die zijn gericht op de naleving van de sancties. Bij overtreding kunnen zij een last onder dwangsom of een bestuurlijke boete aan een instelling opleggen. Ook kunnen ze strafrechtelijk aangifte doen. Ontvangen meldingen worden door DNB en AFM beoordeeld. Als er sprake is van een (voorgenomen) transactie die in strijd is met de sancties, dan sturen zij de melding daarvan door aan het ministerie van Financiën. Ook zal er, indien nodig, aanvullend onderzoek worden verricht naar de melding.

25 juli 2014

Naming and shaming in de Wtt: publicatie van lasten onder dwangsom en boetes

door Ellen Timmer

Uit de wetgevingsbrief van de minister van financiën van 15 juli 2014 (wetgevingsbrief op het terrein van de financiële markten) blijkt dat de minister gehoor zal gaan geven aan het verzoek van DNB. Dat verzoek hield in dat DNB meer bevoegdheden wenst om lasten onder dwangsom en boetes opgelegd aan onder DNB-toezicht staande instellingen bekend te mogen maken. Een en ander zoals de AFM dit al veel langer doet.

DNB schrijft in de eigen brief dat in de recente praktijk is gebleken dat er een verschil bestaat tussen DNB en AFM ten aanzien van de publicatie van boetes vanwege overtreding op het gebied van de beheerste en integere bedrijfsvoering. In de Wwft, Wtt en Sanctiewet 1977 ontbreekt op dit moment een dergelijke publicatiemogelijkheid. DNB meent dat het opnemen van een dergelijke bepaling in deze wetten goed aansluit bij het streven van DNB naar meer transparantie. Voorts meent DNB dat er een preventieve werking. van kan uitgaan.

Straffen zonder rechter

Persoonlijk blijf ik er moeite mee hebben dat sancties door AFM en DNB bekend mogen worden gemaakt, terwijl het geschil met de financiële onderneming nog niet aan de rechter is voorgelegd. Publicatie van dit soort gegevens is nl. de facto als een straf te beschouwen, een straf die niet ongedaan kan worden gemaakt, ook al zou het trustkantoor gelijk krijgen van de rechter.

Straffen horen door de rechter te worden opgelegd, niet door een bestuursorgaan. Ik zie ook niet in waarom er niet een speciale strafprocedure zou kunnen worden gecreëerd, waarin DNB en AFM als aanklager (in plaats van het Openbaar Ministerie) kunnen optreden. Het is hoog tijd dat het procesrecht op dit punt wordt aangepast.

Zie over naming & shaming ook de berichten op mijn algemene weblog.

9 januari 2014

Nieuwe Wwft-leidraad van DNB

door Ellen Timmer

DNB heeft deze maand een nieuwe versie van de eigen leidraad Wwft en Sanctiewet gepubliceerd, lees dit bericht of download de leidraad.
Voorafgaand aan het uitbrengen van de leidraad is een openbare consultatie gehouden, in dit document (pdf) worden de reacties weergegeven en hoe DNB er mee is omgegaan.

Helaas heeft DNB niet de moeite genomen om in detail aan te geven op welke punten de huidige leidraad is gewijzigd ten opzichte van de vorige. Een markup versie ten opzichte van de vorige leidraad en een goed overzicht zouden prettig zijn geweest. Niet alle gebruikers van de leidraad zullen de consultatie hebben gevolgd.

20 december 2013

Bericht DNB over naleving van Wwft en Sanctiewet door door ondernemingen die onder toezicht van DNB staan

door Ellen Timmer

Op 19 december jl. heeft DNB op de site een bericht geplaatst over naleving van Wwft en Sanctiewet door ondernemingen die onder toezicht van DNB staan, onder meer trustkantoren. Opmerkelijk is dat het bericht betrekking heeft op een grotere groep ondernemingen die onder DNB-toezicht staan, maar dat de meeste voorbeelden betrekking hebben op banken.
Hierna volgt de tekst zoals nu op de site van DNB staat:

Q&A Beoordeling Ongoing Due Diligence Proces (WWFT en SW)

Vraag:

Hoe beoordeelt DNB het “ongoing due diligence” proces bij instellingen in het kader van de WWFT en RTSW?

Antwoord:

Ingevolge de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (WWFT) dient een instelling een voortdurende controle op de zakelijke relatie en de tijdens de duur van deze relatie verrichte transacties uit te oefenen. Verder dient een instelling ingevolge de Regeling Toezicht Sanctiewet 1977 (RTSW) ook administratieve organisatie en interne controle maatregelen te hebben om de sanctieregelgeving te kunnen naleven. Bij de beoordeling van dit ongoing due diligence proces bij instellingen in het kader van de WWFT en de RTSW kijkt DNB naar de volgende onderwerpen:

  • hoe worden de gegevens van cliënten actueel gehouden (periodieke review);
  • hoe worden de transacties gemonitord;
  • hoe worden ongebruikelijke transacties gedetecteerd; en
  • hoe vindt de screening tegen de sanctielijsten plaats.

Proces van periodieke review

Ingevolge artikel 3 leden 2(d) en 8 WWFT dient een instelling voortdurende controle op de zakelijke relatie uit te oefenen en ervoor te zorgen dat de gegevens van de cliënt, de uiteindelijke belanghebbende en andere personen waar gegevens over zijn verzameld, actueel gehouden worden. Daarnaast volgt uit artikel 14 lid 4 Besluit Prudentiele Regels (Bpr) dat de instelling over procedures en maatregelen beschikt met betrekking tot de analyse van gegevens van cliënten, onder meer om afwijkende transactiepatronen te kunnen detecteren. Hieruit volgt eveneens dat cliënten en door de cliënt afgenomen producten of diensten gemonitord moeten worden.

De instelling actualiseert hiertoe op basis van risicogebaseerde en adequate maatregelen, periodiek de informatie over de cliënt en, indien nodig, het risicoprofiel van de cliënt. In het beleid en de procedures wordt bepaald op welk wijze en hoe vaak deze actualisering plaatsvindt. Er is daarbij een duidelijke cyclus per risicocategorie of klantensoort, bijvoorbeeld hoog risico minstens 1 keer per jaar, midden risico minstens 1 keer per 2 tot 5 jaar, en laag risico binnen 5 jaar of op basis van een goed omschreven ‘event driven review’. Er zijn ook controlemomenten en signalen benoemd wanneer de cliënt gereviewd zal worden.

Voorbeelden van elementen in een adequaat proces

  • De bank heeft het klantenbestand gekoppeld aan het handelsregister van de Kamer van Koophandel. Hierdoor kunnen bepaalde klantgegevens up-to-date gehouden worden en kunnen wijzigingen in klantgegevens, die aanleiding kunnen zijn voor een cliëntreview, sneller worden gesignaleerd.
  • Bij zoekopdrachten naar externe signalen over cliënten (‘bad press’) worden checks op de naam van de cliënt uitgevoerd in combinatie met andere zoektermen zoals bijvoorbeeld ‘fraude’ en ‘witwassen’.
  • Bij de periodieke review wordt gekeken naar het rekeningverloop van het afgelopen jaar.

Voorbeelden van tekortkomingen in het proces

  • Er is geen of nauwelijks aandacht voor laag risico cliënten, ook niet bij wijzigingen.
  • Uitkomsten uit de transactiemonitoring of externe signalen zijn geen aanleiding om de cliënt te reviewen.
  • Het onderzoek naar externe signalen schiet tekort waardoor reviews niet (tijdig) plaatsvinden.
  • De periodieke review van cliënten en het monitoren van transacties worden beschouwd als twee afzonderlijke processen in plaats van complementaire processen, waardoor bij de periodieke review niet naar het transactieverleden wordt gekeken.

Proces van transactiemonitoring

Ingevolge artikelen 2a, 3 lid 2(d), 9 lid 3 WWFT en artikel 14 lid 4 Bpr monitort de instelling de transacties van cliënten. De instelling heeft procedures en processen om de rekeningen, activiteiten en/of transacties van cliënten te monitoren om inzicht te krijgen en te houden in de aard en achtergrond van cliënten en hun financieel gedrag en om afwijkende transactiepatronen, zoals ongebruikelijke transactiepatronen en transacties die naar hun aard een hoger risico op witwassen of financieren van terrorisme, te detecteren. Er is hiertoe een efficiënt systeem (handmatig of geautomatiseerd) om te controleren of alle opmerkelijke en mogelijke ongebruikelijke transacties worden gedetecteerd . Het systeem heeft een duidelijke uitgebreide lijst van business rules die op gedefinieerde momenten en bij wetswijzigingen worden herzien. Het van elke cliënt opgestelde risicoprofiel werkt door in de monitoring van de transacties en activiteiten van de cliënt.

Voorbeelden van elementen in een adequaat proces

  • De bank stelt een risicoprofiel op van een klant en per (soort) klantenrisicoprofiel wordt een transactieprofiel opgesteld.
  • De bank beschikt over goed doordachte gedifferentieerde scenario’s en business rules, waaronder op de (soort) cliënt afgestemde limieten.
  • De bank is een lerende organisatie die op basis van ervaringen van haarzelf en anderen (bijvoorbeeld creditcardmaatschappijen) de scenario’s en rules verfijnt.
  • De bank test periodiek de effectiviteit van het transactiemonitoringsproces en verricht trendanalyses. De uitkomsten van de trendanalyses worden verwerkt in scenario’s en rules.

Voorbeelden van tekortkomingen in het proces

  • De bank hanteert hoge transactielimieten voor de business rules, en de business rules richten zicht voornamelijk op contante transacties.
  • De bank neemt hoog risico landen, waaronder de landen op de waarschuwingslijst van de FATF, niet mee bij de transactiemonitoring.
  • Er is onvoldoende capaciteit om alerts te beoordelen en er is geen toegang tot oudere, reeds onderzochte of gesloten alerts.
  • Bij een decentrale monitoring wordt er niet zorg gedragen voor adequate kennis over de Nederlandse markt, hebben medewerkers geen toegang tot alle informatie, vindt geen check plaats op de kwaliteit van de monitoring, of wordt geen zorg gedragen voor een adequate training met betrekking tot transactiemonitoring.
  • Er is geen frequente, helder geagendeerde monitoring.

Proces van detecteren van ongebruikelijke transacties

Ingevolge art 2(a), 16 en 23 WWFT is de instelling verplicht ongebruikelijke transacties te melden aan de FIU-NL. De instelling heeft hiertoe een uitgebreide lijst van relevante indicatoren of red flags opgesteld en aan medewerkers ter beschikking gesteld teneinde ongebruikelijke transacties te kunnen detecteren. Hierbij wordt bijzondere aandacht besteed aan ongebruikelijke transactiepatronen en transacties die naar hun aard een hoger risico op witwassen of financieren van terrorisme.

Voorbeeld van een element in een adequaat proces

  • De bank heeft beleid ontwikkeld omtrent het verwerken van ontvangen doormeldingen van FIU-NL in het klantenrisicoprofiel.

Voorbeeld van een tekortkoming in het proces

  • De enige indicatoren die aan medewerkers ter beschikking zijn gesteld, zijn verwijzingen naar de objectieve en subjectieve indicatoren die op grond van het Uitvoeringsbesluit WWFT zijn aangewezen.

Proces van sanctiescreening

Ingevolge artikel 2 van de RTSW dient de instelling maatregelen te hebben getroffen ter naleving van de sanctieregelgeving op het gebied van de administratieve organisatie en interne controle. De instelling heeft de sanctieregelgeving en het interne sanctiebeleid vertaald naar passende procedures en maatregelen (ook gericht op de jurisdicties waar de instelling opereert). Bij het screenen tegen de sanctielijsten worden alle namen en andere relevante gegevens van natuurlijke personen en rechtspersonen die in de klantendossier staan (inclusief uiteindelijk belanghebbende, gemachtigde, begunstigde, etc.) gecontroleerd tegen de EU en Nederlandse sanctielijsten. Het screenen van relaties gebeurt bij acceptatie, periodiek en/of bij wijziging klantenbestand en sanctielijsten.

Voorbeelden van elementen in een adequaat proces

  • De bank maakt voor de screening van haar relaties niet uitsluitend gebruik van de sanctielijsten maar gebruikt tevens eigen lijsten die zij aan de hand van voor haar relevante criteria heeft samengesteld, zoals bijvoorbeeld voor bepaalde regio’s, plaatsnamen, havensteden, scheepsnamen en relaties waarvan afscheid is genomen.
  • De bank heeft duidelijk beleid omtrent alle gesanctioneerde landen en medewerkers zijn op de hoogte van ontwikkelingen in de sanctieregelgeving.

Voorbeelden van tekortkomingen in het proces

  • Personen en entiteiten die op de suppressie lijsten staan, worden niet periodiek of bij wijzigingen in de (EU of Nederlandse) sanctielijsten gescreend.
  • Er worden geen actuele sanctielijsten gebruikt.