Posts tagged ‘strafrecht’

19 december 2018

Straf voor beleidsbepaler trustkantoor; gedrag- en cultuurmarketing | Wtt, Wwft

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Het beeld in de trustdienstverlening is tegenstrijdig. DNB deelt verheugd mee dat het aantal trustkantoren en doelvennootschappen afneemt, terwijl de overheid alle algemeen gevolmachtigden onder de Wtt brengt, ook degenen die niet bezig zijn om de Wtt te ontduiken, zodat de bedrijfsuitoefening van trustkantoren gestimuleerd wordt.

Intussen hebben trustkantoren geen goede naam en wordt onder meer door het FD actief campagne tegen de trustsector gevoerd. Dat is niet voor niets want de sector kent rotte appels.

Dat blijkt ook uit een recente strafrechtelijke uitspraak. Op de site van de rechtspraak wordt het volgende over de zaak vermeld:

 

Celstraffen voor bestuurder en eigenaar Amsterdams trustkantoor
Amsterdam, 10 december 2018

Een voormalige eigenaar van trustkantoor Caute Management krijgt 36 maanden gevangenisstraf en een voormalige bestuurder krijgt 1 jaar gevangenisstraf (waarvan 6 maanden voorwaardelijk) en 240 uur werkstraf voor het jarenlang opzetten en gebruiken van schijnconstructies waarmee zij fiscale fraude en corruptie faciliteerden. De rechtbank vindt ook bewezen dat de mannen door hun werkwijze hebben deelgenomen aan een criminele organisatie. De oud-eigenaar wordt bovendien gezien als leidinggever aan die organisatie: dat is een strafverzwarende omstandigheid.

Wegsluizen
De mannen stroomden – met valse overeenkomsten en facturen – gelden door naar bankrekeningen in Monaco of Zwitserland. Die bankrekeningen stonden op naam van offshores in belastingparadijzen met een fiscaal gunstig klimaat, een bankgeheim en afwezigheid van een publicatieplicht. Daarmee sluisden zij winsten van Europese ondernemingen buiten het zicht van de fiscale autoriteiten weg naar (in de meeste gevallen) de eigenaren van die ondernemingen.

Verkeerde voorstelling
Bij deze constructies ging het niet om reguliere trustwerkzaamheden en evenmin om structuren die in de trustsector gebruikelijk waren. Aan geen enkele structuur uit de ten laste gelegde dossiers lag een deskundig fiscaal advies ten grondslag. Evenmin vroeg het trustkantoor om zogenoemde rulings aan de Belastingdienst, op basis waarvan multinationals vooraf zekerheid krijgen over de wijze waarop hun doelvennootschappen naar Nederlands fiscaal recht zullen worden belast. In plaats daarvan werd er bewust een verkeerde voorstelling van zaken gegeven om de geldstromen te rechtvaardigen. Hoewel de rechtbank niet precies heeft kunnen becijferen voor hoeveel geld hiermee is gefraudeerd, staat wel vast dat het om zeer aanzienlijke bedragen gaat.

Vertrouwen geschaad
De mannen hebben grote schade toegebracht aan het vertrouwen in de financiële sector waarin zij werkzaam waren. Juist aan dat vertrouwen ontleent die sector in het maatschappelijk en het handelsverkeer haar meerwaarde. Van de trustsector wordt verwacht dat niet alleen aan formele verplichtingen wordt voldaan, maar dat de mensen die er werken ervoor zorgen dat die sector verschoond blijft van dergelijk misbruik. Bovendien zorgt dit handelen voor concurrentievervalsing ten opzichte van trustkantoren die wel voldoen aan de strenge vereisten en zorgplichten en onder toezicht van DNB staan. Dat er destijds nog geen vergunningsverplichting gold voor de handelstak waar de werkzaamheden plaatsvinden, doet daar niet aan af. Een financiële instelling dient integer te handelen. Ook al hebben de mannen de fraude misschien niet geïnitieerd, zij hebben als bestuurder en eigenaar van de ondernemingen besloten de fraude in stand te houden.

 

Het gaat om de volgende uitspraken:

 

Gedrag en cultuur
Overigens blijf ik apart vinden dat naleefkundige dienstverleners naar aanleiding van deze zaak roepen dat het anders moet met ‘gedrag en cultuur’ (lees bijvoorbeeld dit). Ik ga er van uit dat gedrag en cultuur aan criminelen niet zijn besteed. Uit de bovenstaande samenvatting leid ik af dat betrokken daders actief hebben meegedaan aan criminele activiteiten.
Dat is in het geheel iets anders dan de struisvogelpolitiek van sommige trustkantoren die ondanks duidelijke signalen geen melding van ongebruikelijke transacties deden en welbewust het risico liepen dat zij criminelen faciliteerden. De gedrag- en cultuurmarketing vanuit brancheorganisaties en overheidstoezichthouders is wat mij betreft misplaatst als  het om criminelen gaat.

Het grote gevaar van de gedrag- en cultuurmarketing in de witwasbestrijding is, dat er niet meer gekeken wordt naar de kwaliteit van de regels en de kwaliteit van het optreden van de overheidstoezichthouders. Met onacceptabele regels – ook in de witwasbestrijding – dient korte metten worden gemaakt.

20 november 2018

Optreden als trustkantoor zonder vergunning leidt tot taakstraf | Wtt, strafzaak

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

Op 16 november jl. heeft de Rechtbank Den Haag uitspraken gedaan inzake twee personen die de Wtt overtraden door als trustkantoor te handelen zonder vergunning. Betrokkenen gaven feitelijk leiding aan limiteds die handelden in strijd met de Wtt. De verdachten worden vrijgesproken van deelname aan een criminele organisatie.

De inhoudsindicatie in de twee zaken luidt als volgt:

Overtreding verbodsbepaling Wet toezicht trustkantoren (Wtt). Vrijspraak deelname criminele organisatie.

A ltd heeft, als onderdeel van de X Group, werkzaamheden verricht, gericht op het verlenen van trustdiensten door B ltd, een trustkantoor met een zetel in een niet-aangewezen staat dat niet beschikt over een vergunning van DNB. Hiermee heeft A ltd vanaf 1 juli 2012 de verbodsbepaling van artikel 2, derde lid van de Wtt overtreden. De verdachte heeft samen met een ander feitelijke leiding gegeven aan deze strafbare gedragingen van A ltd. De rechtbank kan niet vaststellen dat A ltd, B ltd en andere rechtspersonen behorende bij de X Group, in Den Haag/Nederland als trustkantoor werkzaam zijn geweest.

De verdachte wordt vrijgesproken van deelname aan een criminele organisatie, omdat niet bewezen kan worden verklaard dat bij de verdachte het oogmerk bestond op het medeplegen van of het medeplichtig zijn aan het plegen van misdrijven door de klanten van de organisatie.

Verwerping verweer dat toepassing van artikel 2, derde lid, Wtt een schending oplevert van het vrije verkeer van diensten zoals dat op grond van het EU-werkingsverdrag is gewaarborgd binnen de EU. Naar het oordeel van de rechtbank is sprake van een gerechtvaardigde beperking van het vrije verkeer van diensten binnen de Europese gemeenschap, nu deze beperking zijn rechtvaardiging vindt in het algemene belang, zoals dat is verwoord in de memorie van toelichting bij de Wijzigingswet financiële markten.

Vaststelling overschrijding redelijke termijn, geen gevolgen voor de strafmaat.

Taakstraf van 180 uren.

ECLI:NL:RBDHA:2018:13626
ECLI:NL:RBDHA:2018:13653

Tags: ,
31 oktober 2018

Undercoveragent betrokken bij strafonderzoek naar trustkantoor

door Ellen Timmer, advocaat ondernemingsrecht @Pellicaan

In het FD van 30 oktober jl. verscheen een artikel van Vasco van der Boon: “OM maakte gebruik van undercoveragent bij strafonderzoek naar trustkantoor HJC“.

Tags:
%d bloggers liken dit: